50 jaar na de wielerbevrijding: feest!

dinsdag 25/06

Ouder worden heeft niet alleen nadelen. Soms vervloek ik het zelfs dat ik niet nog net iets ouder ben, een jaar of tien bijvoorbeeld, zodat ik Rik Coppens nog had kunnen zien voetballen of Mei '68 actief had kunnen beleven. Maar goed, het is wat het is, ik kan tenminste nog zeggen dat ik een jaartje heb mogen proeven van de jaren 50.

In 1969 was ik tien. Een jongen nog, die in het vierde leerjaar met goede rapporten naar huis kwam, die met een paars-witte sjaal en dito muts met zijn opa naar 'den' Beerschot ging kijken (maar ook naar 'den' Antwerp, zo sectair waren we nu ook weer niet), die op woensdagnamiddag met wisselend succes tegen een bal poogde te trappen en die die zomer van '69 intens genoot van de sportieve prestaties van een Belgische wielrenner.

Eddy Merckx. U kent 'm vast wel. Wikipedia vermeldt netjes zijn 525 overwinningen. Vijf-honderd-vijf-en-twintig. Zeven (7!) keer Milaan-San Remo, vijf (5!) keer Luik-Bastenaken-Luik, drie keer Parijs-Roubaix en Gent-Wevelgem, drie keer wereldkampioen, twee keer Ronde van Vlaanderen, Ronde van Lombardije en Amstel Gold Race, werelduurrecordhouder. Eén keer de Vuelta, als tussendoortje, vijf keer de Giro en de Tour. Geen enkele collega benadert die erelijst. Geen enkele collega zal dat ooit doen.

One giant leap for mankind

Maar die zomer van 1969 was bijzonder. Een dikke maand voordien was Merckx betrapt op het gebruik van doping. De beelden van de wenende, wanhopige coureur op een Italiaans hotelbed in Savona staan velen op het netvlies gebrand. Zelfs de internationale wielerunie had medelijden (of had door dat Merckx geflikt was) en gaf hem slechts een minimale schorsing, zodat hij — wonder boven wonder — aan de start kon komen van de Tour, die hij dat jaar voor het eerst zou rijden. Mochten er toen sociale media bestaan hebben, er zou wekenlang gefoeterd zijn op die onrechtvaardigheid. Dat hij alsnog mocht starten in de Ronde van Frankrijk vonden we niet meer dan normaal. Ze hadden hem verdorie al de Giro afgenomen. Schande!

Eddy Merckx. U kent 'm vast wel. Wikipedia vermeldt netjes zijn 525 overwinningen. Vijf-honderd-vijf-en-twintig!

De Tour '69 begon met een proloog in Roubaix. De Duitser Rudi Altig won die. Op dag twee mocht onze nationale held-in-wording al voor het eerst vieren. Zijn team, Faema, won de ploegentijdrit in eigen land, in en om Sint-Pieters-Woluwe, vlak bij zijn deur dan nog. Merckx mocht als kopman de gele trui omgorden. Een dag later, tweede rit, zegevierde Julien Stevens, een ploegmaat van Merckx, in Maastricht. Rik Van Looy, zijn illustere voorganger als wielergod, maar ook de man die de komst van deze nieuwe ster uitermate vervelend vond, won de vierde rit, dat zijn we intussen collectief vergeten.

Toen kwam de zesde rit: Eddy Merckx schudde Altig van zich af op de flanken van de Ballon d'Alsace en pakte opnieuw het geel. Hij zou die trui niet meer afgeven, won nog vijf ritten in die Tour. Meest bijgebleven is de verwoestende raid richting Mourenx, over de Pyreneeëngiganten Tourmalet en Aubisque. Want dat was Merckx ten voeten uit: niks berekening, gewoon gas geven, ook al heb je geen concurrentie meer voor de eindzege. De kannibaal. De 20ste juli zou hij ook nog de laatste tijdrit winnen, op de wielerbaan van Vincennes. Bij het binnenrijden trakteerde hij de zwart-geel-rode massa op een zuinig, maar vooral verlegen wuifhandje.

De daaropvolgende nacht deed Neil Armstrong iets historisch: one small step for a man, one giant leap for mankind, maar daar lagen we niet wakker van, ook al omdat sommigen er speciaal voor opgestaan waren. In onze oogverblindende adoratie was de Tourzege van Merckx evenveel waard als de eerste voorzichtige pasjes van een mens op de maan.

Zeventien minuten en vierenvijftig seconden voorsprong telde Eddy Merckx in het eindklassement van die Tour. 17'54". Ik hoef dat niet op te zoeken, dat zit in mijn geheugen gebrand.

In onze oogverblindende adoratie was de Tourzege van Merckx evenveel waard als de eerste voorzichtige pasjes van een mens op de maan

Piëdestal

Iemand noemde de eerste Tourzege van Eddy Merckx even historisch als de bevrijding, bijna een kwarteeuw eerder. Sportprestaties worden weleens vaker overroepen ('Historisch!' 'Nooit gezien!' 'Heldendaad!'), dat is ook hier het geval, al valt de analogie enigszins te begrijpen. De bevrijding lag in 1969 voor veel mensen nog vers in het geheugen. En de vorige Belgische Tourwinnaar was Sylvère Maes, in 1939, juist ja, vlak vóór de Tweede Wereldoorlog in alle hevigheid zou losbarsten.

Voor de Belgische sportnatie was Merckx een bevrijder, de verlosser zo u wil, een man op een fiets die ­— zo voelden wij dat toen aan — een heel land boven de middelmaat tilde. Dat hij op een piëdestal werd gezet, moet gezien worden in de context van toen, niet die van nu. Wij, tien- en andersjarigen, vonden wat hij had gedaan even geweldig als een uitstapje naar een andere planeet. Zijn (niet overdreven aangekondigde) bezoek aan het Brusselse stadhuis lokte tienduizenden mensen naar de Grote Markt. Naar de plek waar het volgende week zaterdag allemaal te gebeuren staat. Als er iemand hulde verdient, is het Eddy Merckx wel. (En als u geïnteresseerd bent in de passages van de Tour in ons land, dan moet u maar dat heerlijk nostalgische boek van mijn fijne collega Geert De Vriese ter hand nemen, nu beschikbaar in een upgedate versie en met een passende titel: 'Eddy! Eddy! Eddy!')

Vijftig jaar later is Eddy Merckx nog altijd de voorlaatste Belgische Tourwinnaar. De laatste, Lucien Van Impe, triomfeerde drieënveertig jaar geleden, dat is al dertien jaar langer dan de kloof tussen Maes en Merckx. Een wielerbevrijding zit er niet direct aan te komen, dus zullen we 't moeten stellen met eendagssuccesjes. En met het glunderende gelaat van de man die ons in de zomer van 1969 deed dromen van betere (wieler)tijden.

Eddy! Eddy! Eddy!

 

Geert De Vriese, Eddy! Eddy! Eddy! De Tour in België, Houtekiet, 2019, 21,99 euro.

 

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.