“Als ik fiets, denk ik aan niets. Zalig!”

Muzikant Koen Buyse vond in Ludo Dierckxsens een ideale fietsmakker

dinsdag 02/10

Als frontman van rockband Zornik vergaarde Koen Buyse nationale en internationale bekendheid, hij speelt bij Brides of Lucifer, schrijft nummers en werkt mee aan platen van anderen. Daarnaast is hij een fervent fietser, niet zelden in of voor het wiel van voormalig Belgisch kampioen Ludo Dierckxsens.

Koen Buyse: “We hebben de Mallorca 312 gereden. Ik zie mij hier nog zitten in de zetel. Ik wou een doel en ik had mij ingeschreven en een screenshot van het formulier naar Ludo gestuurd. Toen had hij zich ook ingeschreven en zijn we tegen elkaar op beginnen te trainen. Eén keer per week rijden we elkaar sindsdien tegemoet langs het kanaal en trainen we samen. Als je een doel voor ogen hebt, ben je meer geneigd om op de fiets te kruipen. We gingen zo eens de Brabantse Pijl rijden, maar we zouden wel van thuis vertrekken met de fiets. Dus om zes uur ’s ochtends waren we al onderweg. Toen dacht ik wel: ‘Waar ben ik mee bezig (lacht)?’ Maar het is een prachtige dag geworden.”

foto Koen Buyse

Hoe heb je Ludo Dierckxsens leren kennen?

“Ik heb Ludo drie jaar geleden aan de bar in Friesland leren kennen tijdens de Eneco Tour (nu Binckbank Tour, nvdr.), omdat hij daar met vips rondreed en ik op de motor zit als ardoisier (de bijrijder die met bordjes de tussentijden aangeeft, nvdr.). Dat is prachtig om te doen. Via Rick de Leeuw, die ik mocht vervangen toen hij eens niet kon, ben ik daarin terechtgekomen. Zo midden in de actie kunnen zitten, dat is voor iemand die van wielrennen houdt fijn om te doen. Je krijgt nog meer respect voor de renners als je van dichtbij ziet hoe ze afzien en hoe behendig ze kunnen fietsen. Als echte acrobaten manoeuvreren zich langs rotondes, drempels en paaltjes. Daarin heb ik van Ludo geleerd als ik op de openbare weg rijd: ik rem veel minder dan vroeger. Ik probeer goed de bochtjes te nemen.”

 

Heeft hij al tips van jou overgenomen?

“Ik heb hem proberen te doen zingen, maar dat is nog niet gelukt (lacht). We zien elkaar ook buiten het fietsen, want we zijn goed bevriend geraakt. Ludo kan heel rustig uitleggen hoe je iets moet aanpakken. Dat je altijd moet kijken waar je naartoe wil rijden bijvoorbeeld in plaats van te staren naar waar je niet naartoe wil. Je pedalen goed houden, in de beugel hangen en je laten ‘vallen’ in bochten, op je houding letten, de plaatjes van je schoenen afstellen, het zadel, … dat zijn kleine dingen die er veel toe doen. Maar ik kan die mannen zoals hij nog niet bijhouden in de bochten, hoor. En die afdalingen! Niet te geloven. Een klein gaatje in een groepje renners en Ludo rijdt daar tussen. Dan mag je niet proberen te volgen, want dan wordt het heel gevaarlijk.”

 

Hoe combineer je al dat fietsen met een leven in de muziek?

“Ik heb mijn studio hier thuis. Ik ben nu druk met mijn groep Brides of Lucifer, ik werkte aan veel nummers van Rick de Leeuws nieuwe plaat en ik schrijf veel met Regi Penxten, die hier in de buurt woont. Maar als het goed weer is, ga ik fietsen en schuif ik in mijn agenda. Dat is een voordeel dat ik dat kan.”

"Tijdens het joggen, denk ik nog altijd na, maar als ik ga fietsen, is het alsof ik mijn brein uitklik zodra ik de pedalen inklik"

Is er een verband tussen fietsen en muziek maken?

“Tijdens het joggen, denk ik nog altijd na, maar als ik ga fietsen, is het alsof ik mijn brein uitklik zodra ik de pedalen inklik. Als ik vertrokken ben met een nummer in mijn hoofd, dan kan ik na ene paar uur terugkeren met nog altijd hetzelfde nummer in mijn hoofd. En dan heb ik aan niks gedacht. Dat vind ik zalig. Je kan hier in de buurt ook prachtig fietsen, op een oud spoorwegen- en fietsnetwerk bijvoorbeeld. Er zijn stukken waar niks dan natuur is. Mijn zus heeft tien jaar in Frankrijk gewoond, dicht bij Carcasonne. Twee jaar geleden ben ik twee weken naar daar geweest: gsm uit en twee weken alleen maar gefietst en nummers geschreven. Dat werkte echt wel perfect.”

 

In hoeverre leef je ernaar om te kunnen fietsen?

“Ik zeg van niet, maar mijn vriendin klaagt van wel (lacht). Ik ben negen kilo afgevallen voor Mallorca en Ludo zit weer op z’n competitiegewicht. In de aanloop was dat misschien wel moeite doen, maar nu kost dat geen moeite meer. Ik probeer zo veel mogelijk eiwitten te eten, zoals kalkoen, en ik probeer mijn vetopname te beperken tot gezonde vetten. Ik eet graag eens mayonaise, maar ik maak die dan wel zelf. Alcohol wou ik niet laten vallen – niet dat ik alcohol nodig heb, maar ik wel willen blijven genieten van het leven. Als je met alles stopt, verval je toch weer. Het is op den duur een cirkel waar je in terechtkomt: om goed te kunnen sporten, ga je misschien eens iets vroeger slapen, let je meer op je voeding en door te sporten wordt dat dan weer versterkt, want je voelt die drang om beter te worden en je goed te voelen. Dus het is een positieve cirkel waarin je zit.”

 

Was je altijd al sportief?

“Ik badmintonde vanaf mijn zesde. Mijn ouders deden dat veel in een club in Zolder. Alle toernooitjes schuimde ik af. Ik was zelfs Belgisch kampioen bij de kadetjes. Maar op mijn 21ste of 22ste ben ik ermee gestopt. Ik heb toen bijna tien jaar niks van sport gedaan, want Zornik is in die periode ‘geëxplodeerd’ en dat liep als een trein. Dat was net in de periode dat je je lichaam kunt ontwikkelen, dat je spieren kunt versterken. Ik ben nog wel eens gaan badmintonnen, maar het probleem is dat ik het in mijn hoofd nog wel allemaal kan, maar in de praktijk is alles na een half uur kapot, enkels, knieën, … Jammer, want het is een prachtige sport.”

"Het beste wat je als recreatieve fietser kunt kopen, is een gps. Ik heb zo honderden routes uitgestippeld, maar ik rijd zelden exact dezelfde"

Welke tips heb je voor andere recreatieve fietsers?

“Het beste wat je als recreatieve fietser kunt kopen, is een gps. Ik heb zo honderden routes uitgestippeld, maar ik rijd zelden exact dezelfde. Of je gaat met Ludo Dierckxens fietsen, natuurlijk, die kent echt alle baantjes (lacht). En fietsen op rollen in de winter is echt wel een aanrader voor mensen met weinig tijd.”

“Ik ga ook al vijf jaar met mijn papa samen op fietsvakantie. Samen een week op een hotelkamer zitten en fietsen, dat was tien jaar geleden niet gelukt. Dat dat nu wel kan, heeft het fietsen voor mekaar gekregen en dat is wel tof. Mijn ouders zijn 69 en ze fietsen allebei. Mijn papa fietst meer in peloton en daar wordt al eens meer gevallen. Ik daarentegen fiets heel weinig in groep. Mijn papa heeft in Calpe op vijf dagen meer dan 700 kilometer en tienduizend hoogtemeters afgelegd. Hij weegt ook wel geen zestig kilo.”

 

Hoe is je relatie met je vader?

“Het is een typisch vader-zoonverhaal. Mij papa is een voormalig generaal-piloot. Heel gedreven en ik heb veel respect voor zijn carrière. Mijn middelbare school ging als vanzelf, maar daarna moest ik aan de universiteit dingen doen die ik niet wou. Dat werkte dus niet, want ik wou muziek maken. Dus zo ontstond er een breuk tussen ons, maar dat is ondertussen weer helemaal goed gekomen. Mijn papa is niet de grootste spraakwaterval, maar als we een week samen op fietsvakantie gaan, is dat echt genieten. Hij zegt al twee, drie jaar dat het de laatste keer zal zijn, maar we blijven het doen. En als het fysiek moeilijker zou worden, dan doen we gewoon iets minder kilometers (lacht).”

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.