Bjorg

dinsdag 13/08

Het duurde drie sms’jes voor ik antwoordde. De avond na mijn triatlonwedstrijd was ik te leeg om te reageren op het eerste bericht “of het gelukt was”. De ochtend nadien volgden nog twee berichtjes. Het laatste klonk bijna wanhopig. “Schatje, alles ok? Je weet, ik ben rap ongerust.”

Mijn suikertante. Doodongerust. Die zag me al in een ziekenhuis aan de kunstmatige beademing liggen, omdat ik maar niet antwoordde. Ik heb haar dan snel gebeld. Een week ervoor was ze voor het eerst in vijftien jaar naar een van mijn triatlonwedstrijden komen kijken. Dat heeft haar angst voor hoe onveilig sporten wel kan zijn alleen maar gevoed. “Al dat volk in dat water? Als je plots iets krijgt, geen kat die het ziet. En zo snel dat die allemaal die bochten nemen op de fiets!”

Ik heb jarenlang alle onrust weggewuifd. Dat ik geen risico’s neem. Dat met de auto naar de winkel rijden ook een risico inhoudt. Dat ik nooit meedoe voor de prijzen en het me kan permitteren om voorzichtig te zijn.

En nu is een jonge wielrenner gestorven. Een talent in de kiem gesmoord. De plek waar het gebeurde, de omstandigheden, te onwezenlijk voor woorden. De dood van Bjorg Lambrecht heeft ons allemaal een ijskoude douche bezorgd. Maar zijn dood heeft me ook aan het nadenken gezet. Hoe gevaarlijk is sport? En heb ik de gevaren inderdaad altijd onderschat omwille van het plezier dat ik eraan beleef?

In april nog verdronken twee atleten tijdens de Ironman van Zuid-Afrika. Ik fietste verschillende keren de Marmotte mee in de Alpen, twee keer ervan viel er een dode in een afdaling, één keer een dode door de hitte. Ik zag tijdens een duatlon een man gereanimeerd worden na een hartstilstand. Ik was getuige hoe mijn stiefvader op een trainingsritje voor mijn neus omvergereden werd door een auto waarna hij een maand tussen leven en dood zweefde. Ik werd zelf een keer van de weg gemaaid en speelde gelukkig niet meer dan mijn voorste tanden kwijt. En nog minimaliseer ik alle gevaren?

Hoe gevaarlijk is sport? Heb ik de gevaren altijd onderschat omwille van het plezier dat ik eraan beleef?

Voor Bjorg waren er Michael Goolaerts, Antoine Demoitié, Kristof Goddaert. Het lijstje jonge renners waarvan we de laatste jaren afscheid hebben moeten nemen, is veel te lang geworden. En toch zullen we morgen weer gaan fietsen, bergen met een klimtouw bedwingen en in onbewaakte zwemzones een frisse duik nemen.

De moeder van Wout Van Aert wenste haar zoon voor zijn tijdrit in de Tour dat hij heelhuids aan de finish zou komen. Geen winst, nee, alleen een behouden aankomst. En toch maakte hij even later een horrorcrash mee.

Prof of recreant, we krijgen allemaal van onze dierbaren te horen dat we voorzichtig moeten zijn. Vaak wuiven we het weg als een cliché dat erbij hoort. Denken dat het ons niet zal overkomen. Wie in angst leeft, leeft niet echt. Dat de sport soms neemt, maar ook veel geeft. Levensvreugde, genot, een kick, fijne sportvrienden, een betere gezondheid. En dat we daarom de risico’s ervoor over hebben.

Minder sporten of minder intens sporten zie ik me niet doen. Maar ik neem me alvast voor om de zorgen van mijn dierbaren met meer te beantwoorden dan alleen een vluchtige sms of kus.

Prof of recreant, we krijgen allemaal van onze dierbaren te horen dat we voorzichtig moeten zijn. Vaak wuiven we het weg als een cliché dat erbij hoort

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.