“Curling is veel meer dan petanquen op ijs”

Portret van een kleine sport met olympisch perspectief

maandag 15/02

Curling is een sport die bij ons slechts eens om de vier jaar in beeld komt, met name wanneer de acht beste teams ter wereld strijden om eeuwige roem op de Olympische Winterspelen. Toch wint ze in onze contreien geleidelijk aan populariteit, vooral omdat het een fijne, toegankelijke discipline is die statistisch gezien de grootste kans biedt om het als niet-topsporter ooit tot olympiër te schoppen. Echt realistisch is dit voor ons Belgen vooralsnog niet, maar met de bouw van een eerste volwaardige curlingbaan in het verschiet ziet het er wel naar uit dat het aantal spelers fors zal stijgen. Wij besloten op zoek te gaan naar de roots van het Belgische curling en trokken op een blauwe maandag naar Leest, waar de leden van Curling Club Mechelen het tegen elkaar opnamen in een onderlinge clubcompetitie. Ziehier het relaas van een avondje lachen, vloeken en tieren, doorspekt met hopen vriendschap en tonnen spelplezier. 

Curling

Omstreeks negen uur draaien we de parking van de schaatsbaan in Leest op. Op de radio weerklinkt een song die onwillekeurig doet denken aan de sample die gebruikt is in Ice Ice Baby van de ons verder onbekende rapper Vanilla Ice. Een toepasselijker moment om de bakermat van het Belgische curling te betreden, is nauwelijks denkbaar.

Binnen tekenen zestien deelnemers present voor de onderlinge clubcompetitie. Onder hen Dirk Heylen, secretaris van de Belgium Curling Association. Samen met ervaren rot Walter Verbueken stond hij in 2003 aan de wieg van de curlingrevival in België. “Ik had het op Eurosport gezien en wilde het zelf ook proberen, maar op dat moment was er van curling in België geen sprake. In Luik, Deurne en Ukkel zijn er in de tweede helft van vorige eeuw wel een aantal clubs actief geweest, maar die zijn na verloop van tijd gestopt. Ik ben dan maar op zoek gegaan naar Nederlandse clubs en ontdekte dat Walter ingeschreven was bij een club in Tilburg. Hij zag het meteen zitten om iets op poten te zetten in België. Zo is Curling Club Mechelen dus geboren.”

Veelzijdig

Omstreeks halftien is het tijd om de baan te betreden. In een wedstrijd curling nemen twee ploegen van vier het tegen elkaar op. Op een baan van circa 5 meter breed en 42 meter lang schuift iedere speler per spel twee stenen van 19,1 kilogram naar gekleurde cirkels op het eind van de baan ('het huis'). Door de steen bij het loslaten een draaiende beweging mee te geven, krijgt hij een licht gebogen baan – vandaar de naam 'curling'. Het traject van de steen mag tijdens het schuiven beïnvloed worden door twee 'vegers', die met hun borstels een dun waterlaagje op het ijs creëren. De ploeg wiens steen of stenen op het eind van het spel het dichtst bij het middelpunt van de cirkel liggen ('de dolly'), krijgt één of meerdere punten – naargelang het aantal stenen dat dichter bij de dolly ligt dan de stenen van de andere ploeg. Na tien spelletjes wordt er een eindscore berekend. 

De vier beste spelers vormen niet noodzakelijk het beste team

Kortom: min of meer dezelfde regels als bij petanque, zij het met een vaste cirkel als mikpunt. Wie kort tracht uit te leggen wat curling precies inhoudt, gewaagt dan ook al snel van 'petanquen op ijs'. Een vlag die de lading echter niet volledig dekt, vindt Dirk: “Bij petanque hangt alles af van je worp, terwijl curling een stuk veelzijdiger is. Naast de kracht, de richting en het effect die je de steen meegeeft, is er ook de invloed die je tijdens het glijden kan uitoefenen door al dan niet te vegen. Als je veegt, stel je het stilvallen van de steen, het effect van de draaiing en de afbuiging naar het midden uit. Het is dus van het allergrootste belang om de baan van de steen accuraat in te schatten, het ijs goed te 'lezen' en het vegen perfect te timen. Tot slot is het erg belangrijk om op elkaar ingespeeld te zijn – de vier beste spelers vormen niet noodzakelijk het beste team.”

 

Nieuwe curlingbaan

Hoewel ze in België (nog) niet massaal beoefend wordt, is curling een sport met bijzonder veel potentieel. De instapdrempel ligt immers zeer laag. Buiten borstels en antislipzolen heb je geen speciaal materiaal nodig, en in principe kan iedere man of vrouw tussen 7 en 77 jaar deelnemen, omdat techniek en concentratie primeren op kracht en fysieke conditie. Bovendien is het een zeer tactisch spelletje, waardoor de wedstrijden doorgaans spannend en geanimeerd verlopen.

Voorlopig ontbreekt het in ons land enkel nog aan een specifieke accommodatie, al wordt daar volop aan gewerkt. Binnenkort zal in Elewijt de allereerste curlingbaan verrijzen. “We hopen eind dit jaar in onze nieuwe arena te kunnen spelen”, geeft Dirk aan. “Het geheel zal ongeveer 500.000 euro kosten, een bedrag dat we bij elkaar geraapt hebben via subsidies van de provincie, crowdfunding en renteloze leningen van onder andere de World Curling Federation. Hoe dan ook zal het een enorme verbetering zijn, want het ijs waar we momenteel op spelen is traag en oneffen. De banen op internationale toernooien liggen er helemaal anders bij, dus dat speelt onvermijdelijk in ons nadeel.”

 

Eén grote familie

Inmiddels is het tien uur geworden en zijn de wedstrijden volop aan de gang. We maken kennis met het vakjargon en registreren gevleugelde uitspraken als 'leggen of bewaken', 'het ijs ligt sneller dan ik dacht!' en 'godverdoeme toch!'. Hoewel het er over het algemeen nog vrij recreatief aan toe gaat, zit het curling in België hoe dan ook in de lift. Vorig jaar telde ons land zeventig spelers, haast een verdriedubbeling ten opzichte van drie jaar geleden. Curling Club Mechelen was lang uniek in haar soort, maar sinds drie jaar zijn er ook clubs in Turnhout en Gent. “Een mooie evolutie”, vindt Dirk. “Aanvankelijk bestond onze club voornamelijk uit buitenlanders die hier woonden en die de sport wilden (blijven) beoefenen. Zo hebben we in het verleden veel kunnen opsteken van een aantal goede spelers uit toplanden zoals Zwitserland, Canada en Schotland. Doorheen de jaren is het aandeel Belgen veel groter geworden. Eens de nieuwe curlingbaan ingewijd is, hopen we nog veel meer landgenoten warm te kunnen maken voor deze prachtige sport. ”

Toch zijn er ook nu nog enkele buitenlanders die op maandagavond regelmatig hun weg vinden naar de schaatsbaan in Leest. Een mooi voorbeeld is de sympathieke Robert Mikulandric, een Kroatische international die sinds twee jaar in Leuven woont. “We hebben hem leren kennen op het EK van 2013. De toenmalige coach van de Kroaten was een Canadees die in het verleden twee jaar bij onze club had gespeeld. Het contact was snel gelegd en we hebben Robert meteen in de armen gesloten. Het typeert de sfeer in het wereldje. In feite zijn we één grote familie.” 

 

Sinds 2005 is België een vaste klant op het Europese Kampioenschap, met een zestiende plek als voorlopig beste resultaat

Dromen van de Spelen

Omstreeks elf uur nadert de clubcompetitie haar ontknoping. Terwijl de equipe van Walter een droge 10-0-winst laat optekenen, hebben Dirk en zijn collega’s het een stuk lastiger. Het laatste en beslissende spel wordt aangevat bij een 6-6-stand. Een prachtige kaats brengt het rode team plots in een dominante positie. Een sensatie hangt in de lucht, maar dan haalt geel op het nippertje opnieuw de bovenhand. 'Yes!', klinkt het opgelucht bij Dirk; 8-6 is het eindverdict. Voldoende stof tot nakaarten dus, een slotritueel dat zich steevast voltrekt aan de toog van de aanpalende cafetaria.

Daar  maken we nog even kort kennis met enkele leden van het Belgische nationale team, die ons land eind vorig jaar vertegenwoordigden op het EK. “Sinds 2005 is België een vaste klant op het Europese Kampioenschap, met een zestiende plek als voorlopig beste resultaat. Afgelopen jaar waren we vierentwintigste op vijfendertig ploegen. Op zich is dat niet fantastisch, maar als je het in perspectief plaatst, staan we toch aardig ons mannetje. We zijn immers een van de betere landen zonder specifieke curlingaccommodatie. Eens de baan in Elewijt er staat, hopen we ons niveau verder te kunnen opkrikken. Vooral in tactisch opzicht kunnen we nog heel wat vooruitgang boeken, maar daarvoor hebben we dus goed curlingijs nodig. En wie weet kunnen we onze stiekeme droom op termijn dan toch ooit realiseren: deelnemen aan een WK en een Olympisch toernooi...”

 

 

 

 

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.