De Hel van Namen versus de Cross van Kasterlee

Waarom beschermen topsporters zich niet tegen de koude?

dinsdag 24/12

Wat is er toch aan de hand met sporten in wat frissere weersomstandigheden? Cyclocrossers die bijna van het podium rillen of, nog erger, na 25 minuten wedstrijd onderkoeld moeten weggedragen worden en drie dagen van de kaart zijn? We zien het de jongste jaren ook almaar meer gebeuren in de voorjaarsklassiekers op de weg, waar het tijdens maartse buien en aprilse grillen opgaves regent. Wordt er misschien te veel getraind in zomerse oorden, waardoor hedendaagse wielerlijven niet meer aan het echte Flandrien-weer kunnen wennen?

Ik ben bondsarts in een team van artsen, inspanningsfysiologen, trainers en technici, dat volop in de weer is om toprenners te beschermen tegen de hitte en vochtigheid van de Spelen in Tokio. Zweetanalyses, uitwendige en inwendige koelingsstrategieën, hyperventilerende high-techfietspakjes, cooling sprays… Kosten noch moeite worden gespaard. Het belang is voor iedereen zonneklaar: prestaties lijden onder hitte. Maar de koude? Nee hoor, we starten wel in onze flinterdunne lycrakoerspakjes, zonder handschoenen of andere bescherming tegen koude en vocht. De anti-koudetechnologie ligt nochtans voor het grijpen in elk avonturen- of sportwinkelfiliaal: Gore-Tex, softshell, merinowol, neopreen…

Lage temperaturen hypothekeren sportprestaties net zo goed als hoge. Koude doet de bloedvaatjes in onze voeten en handen samentrekken om warmteverlies via de huid te beperken en het bloed voorrang te geven aan het hart en andere inwendige organen. Het gevolg is dat onze handen en voeten als ijsklompen aanvoelen en routinehandelingen zoals het schakelen of het klikken van de schoenen in of uit de pedalen plotseling problematisch worden.

Intussen zuigt de koude ons energiesysteem leeg. Als je lichaam bovendien nat wordt en daardoor nog méér warmte verliest, dan gaat het van de regen in de drop: de coördinatie van je spieren takelt af;  je uithouding komt versneld onder druk te staan; je maximale kracht vermindert (waardoor wielrenners extra moeite moeten doen tijdens het versnellen, sprinten of klimmen) en het beoordelingsvermogen boert achteruit (met extra risico op valpartijen!). Het resultaat zag je vorige zondag rond de Citadel van Namen.

Dat het merendeel van de recreanten die deelnamen aan de Hel van Kasterlee de finish heeft bereikt, ligt vooral aan het feit dat ze niet te beroerd zijn om beschermende kledij te dragen!

We maken er een punt van om ons ná de inspanning goed aan te kleden, want anders worden we verkouden! Dat is echter een van de grootste fabeltjes in sportmiddens. Als je met een natte kop in de wind gaat staan, kun je hoofdpijn krijgen, maar verkouden word je van virussen, vooral als mensen ’s winters samenhokken in slecht geventileerde ruimtes waar die beestjes in geen tijd van de ene naar de andere persoon demarreren.

Die bewuste zondag was ik aanwezig op een winterduatlon die bekend staat als De Hel van Kasterlee. De modder, regen en kou die de 400 deelnemers in de Stille Kempen moesten trotseren waren even bar als in Namen, maar het verschil was dat de duathleten in plaats van één zowat elf uur onderweg waren. Dat het merendeel van deze amateurs de finish heeft bereikt, ligt niet alleen aan hun training en grinta, maar ook aan het feit dat ze niet te beroerd zijn om kleren te dragen die ze tegen de kou en de regen beschermen. Profs kunnen nog iets leren van recreanten. Het wordt weer een warme Kerst.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.