“Doping moet zijn als een hondendrol: trap er niet in!”

Opmerkelijke lezing van journalist die Armstrong ontmaskerde

donderdag 05/04
©isosport

David Walsh viel voor de lezing die hij op vraag van de Sport- en Keuringsartsen (SKA) vorige week in Gent kwam geven terug op het boek dat hij schreef over zijn jacht op Lance Armstrong. De Ierse journalist lag mee aan de basis van Armstrongs ontmaskering als dopinggebruiker, maar liet in Gent de passages met uithalen naar de Amerikaanse ex-renner en diens tirannieke houding binnen de ploeg achterwege.

Ook moest Walsh toegeven dat hij zich tijdens de dertien weken dat hij mocht meedraaien bij Team Sky had laten ringeloren. Alles scheen er clean aan toe te gaan, maar naderhand bleken Chris Froome (salbutamol) en Bradley Wiggins (corticosteroiden) met een therapeutische uitzonderingsmaatregel de grenzen van het toegestane nogal creatief te hebben geïnterpreteerd.

Voor wie zelf sport in zijn vrije tijd vielen tijdens het debat dat op de lezing volgde de meest interessante wetenswaardigheden te rapen.

©Luk Buyse

Marc Van der Beken, directeur van Nado, de organisatie die staat voor het antidopingbeleid in Vlaanderen en die de Dopinglijn beheert, merkt een trend op. “Als je tussen de lijnen las, ontdek je een verschil in de mening tussen de renners uit de generatie die nog met Lance heeft gereden en de generatie die nog aan de televisie gekluisterd zat of in de luiers lag toen Armstrong zijn successen boekte”, zegt hij. “Je zag een duidelijke andere mening bij de jonge sporters dan bij de oudere en ik kan daar begrip voor opbrengen. Die oudere generatie weet wat er gebeurde en beseft dat Lance lang niet de enige was. Maar de nieuwe generatie heeft het antidoping-denken meegekregen met de drinkbus bij wijze van spreken. Dat leidt tot een correctere perceptie van wat doping is en dat is een positieve ontwikkeling.”

Ook Peter Van Eenoo, hoofd van het Gentse dopinglab, ziet verandering, maar houdt een slag om de arm. “Vraag mij er nog eens naar over tien jaar, als we stalen hertest hebben”, glimlachte hij. “Maar we merken dat het aantal gevallen met hoge concentraties verboden middelen gedaald is. Het percentage van positieve gevallen is door de jaren vrij stabiel gebleven, maar je ziet wel dat de excessen er uit zijn. Het komt zelden voor dat je gigantisch hoge dosissen vindt. Dat betekent dat men minder risico’s durft te pakken én dat men verdomd goed weet wat we op dit moment kunnen en wat we niet kunnen. Maar het is voor mij heel belangrijk dat de excessen eruit zijn, want hoe hoger de dosissen hoe schadelijker de gevolgen. Dus de evolutie is positief.”

Tegenwoordig durven sporters minder risico's te pakken, omdat men verdomd goed weet wat we op dit moment kunnen en wat we niet kunnen" - Peter Van Eenoo (Hoofd Gents dopinglab)

“Wat mij het meeste zorgen baart”, zegt Van Eenoo, “is dat het publiek onverschillig zou worden voor doping. Ik zit er echt mee in dat men op een gegeven moment genoeg zal hebben van de dopingverhalen en dat het publiek er niet meer in geïnteresseerd zal zijn. Want dan zouden we echt de strijd verliezen. Als het publiek onverschillig wordt voor dopinggebruik van renners, stoppen de investeringen in de antidopingstrijd en dan is het hek van de dam. Dan zullen we met veel meer gezondheidsschade zitten bij de sporters.”

Om de gezondheid van sporters te vrijwaren, verspreidden het Nado en de SKA al meerdere brochures. Dr. Tom Teulingkx stuurt er met de vereniging van sport en -keuringsartsen (SKA) op aan om de gezondheid van de sporters centraal te stellen. “We proberen bij jongeren elk supplement af te raden”, zegt hij. “Goede voeding, rusten en preventief werken is veel belangrijker. Als jongeren supplementen gebruiken, dan zou de opstap naar verboden producten weleens sneller kunnen gaan eens ze op topniveau sporten.”

Het gebruik van voedingssupplementen is dus minder onschuldig dan het op het eerste gezicht lijkt. “Dat is een immens probleem”, zegt Van der Beken. “Een gewone goede voeding is de basis voor een goede prestatie, maar – en dat is heel raar - mensen willen naast hun voeding iets nemen. Ze denken allemaal dat dat een enorm effect heeft. Het is onwezenlijk aanwezig. Maar het helpt niet. Want als een supplement werkt, dan is er iets niet in orde: een supplement dat werkt, is niet conform de dopinglijsten. Het is een probleem dat vooral in de fitness-sector opduikt. Er zijn veel louche producten op de markt die nauwelijks gecontroleerd worden én de bijsluiter is absoluut nooit volledig, waardoor je positief kan testen bij een dopingcontrole.”

"Ze denken allemaal dat voedingssupplementen een enorm effect hebben. Het is onwezenlijk aanwezig. Maar het helpt niet. Want als een supplement werkt, dan is er iets niet conform de dopinglijst" - Marc Van der Beken (Directeur Nado)

Dat zegt ook Peter Van Eenoo. “Uit een doctoraat dat is geschreven over de periode van 2002 tot 2006 blijkt dat op dat moment 17 % van alle voedingssupplementen een dopingsubstantie bevatte. Voedingssupplementen werken niet voor 99,99 procent van de bevolking. Ze leveren minimale meerwaarde voor de toplaag, iets wat op dat niveau winst of verlies kan beteken. Maar in een nieuw paar schoenen of een nieuwe fiets ligt door het placebo-effect nog veel meer winstmarge voor sporters op een lager niveau. Als je op jonge leeftijd het gevoel krijgt dat je naar voedingssupplementen mòet grijpen, dan is er psychologisch ergens iets mis, want dan hecht je al heel vroeg belang aan iets waar geen winst te boeken is.”

Dr. Teulingkx vindt dat ook wielrenners daarin een voorbeeldfunctie hebben. “We leren de jeugd fairplay, respect voor de regels en de tegenstander, omgaan met verlies, ….”, zegt hij. “Als dat wegvalt in het professioneel wielrennen, hebben we een groot probleem. Binnen onze wielerfederatie houden we voor junioren antidopingsessies. Wie daar niet aan deelneemt, kan ook niet geselecteerd worden voor belangrijke kampioenschappen. En er zijn andere initiatieven zoals ‘Gezond groeien in de koers’ en ‘Alles op z’n tijd’, waarmee we proberen om toekomstige renners doping als een vies woord te leren zien. Doping moet zijn zoals een hondendrol: tap er niet in!”

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.