Een malafide dubbele fout…

Matchfixing in tennis

maandag 25/04
Tennis

Tennis wordt in het zog van de dwingende maagdelijke ‘dresscode’ op Wimbledon wel eens ‘de witte sport’ genoemd. Maar het proftennis heeft ook zijn aangebrand zwart randje: wedstrijdvervalsing of ‘matchfixing’. Een diepteonderzoek naar scheefschaatsers in het mannentennis door het Amerikaanse internetmediabedrijf Buzzfeed News en de BBC hebben dat recent nog blootgelegd. Dit op basis van gelekte documenten vanuit de sport zelf, een analyse van weddenschappen op 26.000 wedstrijden en interviews met gok- en matchfixingexperts, tennisofficials en spelers uit de hele wereld.

Geef toe, geld is een bekoorlijke verleider. In 1973 heeft de Association of Tennis Professionals, de vereniging van het professionele mannentennis, voor het eerst officieel gereguleerd prijzengeld uitgekeerd. Het totale bedrag dat sindsdien aan de spelers is uitbetaald, is begin dit jaar door de grens van 3 miljard dollar gebroken. De beste spelers verdienen uiteraard veruit het meest. Er spelen wereldwijd zo’n 9000 mannen en bijna 5000 vrouwen proftennis. Meer dan 90% van de totale verdiensten wordt binnengehaald door de top 1000-spelers wereldwijd. De top 100 verdient bijna de helft van het totale prijzengeld. En om het onevenwicht heel zichtbaar te maken: terwijl Novak Djokovic en Serena Williams als Wimbledonkampioenen vorig jaar ieder met 2.400.000 euro uit Londen vertrokken, krijgt de winnaar van een Challenger met een prijzenpot van 75.000 dollar exact 10.800 dollar en wie een Futuretoernooi met 10.000 dollar prijzengeld wint, ontvangt 1.440 dollar, bruto…  En om even de gigantische evolutie van het prijzengeld aan de top te schetsen: Jan Kodes ontving als Wimbledonwinnaar in 1973, het ‘geboortejaar’ dus van de ATP, 5.000 pond of 6.300 euro. Bij de vrouwen kreeg Wimbledonkampioene Billy-Jean King 3.000 pond of 3.800 euro. Pas in 2007 werd de prijzenpot voor mannen en vrouwen op eenzelfde niveau gebracht.

Wereldwijd is gokken op tenniswedstrijden de sterkst groeiende ‘gambling’sector in de sport

Tennis is tegenwoordig de derde sport ter wereld als het aankomt op het aantal fans en de populariteit (met naar schatting zo’n 1 miljard fans), net achter voetbal en buitenhockey. De sport wordt ook op alle continenten beoefend. Het internationale proftennis wordt echter ernstig bedreigd door de georganiseerde misdaad. Vooral de kleinere Challenger- en Futuretoernooien lopen het risico geconfronteerd te worden met (pogingen tot) matchfixing. Dat zegt Chris Eaton, een voormalige agent van Interpol en nu integriteithoofd bij het International Centre for Sports Security. Volgens de man is tennis, na voetbal en cricket, momenteel zelfs de meeste bedreigde tak van sport voor omkoping. De Verenigde Naties maakte (via zijn United Nations Office On Drugs and Crime –UNODC-afdeling) recent bekend dat er jaarlijks wereldwijd bijna duizend miljard dollar wordt ‘verhandeld’ in sportweddenschappen. De helft ervan zou via illegale weg gebeuren. Volgens de Belgische Kansspelcommissie bedroeg de omzet in ons land in 2013 zo’n 625 miljoen euro. Dat is 73 procent méér dan in 2012. Bij ons wordt het meeste gewed op voetbal (70 procent van de weddenschappen), gevolgd door tennis (15 à 16 procent), formule 1 en basketbal (enkele procenten). 

Wereldwijd is gokken op tenniswedstrijden de jongste jaren de sterkst groeiende sector. En dat is geen toeval, want de ‘visvijver’ is gigantisch groot. Vorig jaar zijn er in 80 landen over de hele wereld zo’n 1.500 toernooien en 123.000 wedstrijden gespeeld alleen al onder de vlag van de internationale tennisfederatie ITF, ATP (mannen) en WTA (vrouwen). Er zijn bijna 23.000 actieve professionele spelers en meer dan 2.100 officials. Jaarlijks gaat naar schatting circa vijf miljard euro om in het gokken op de racketsport. De gemiddelde inzet op tennispartijen is tussen 400 en 4.000 euro. Er kan van Shanghai tot Sint-Niklaas ingezet worden op een eindeloos scala van gokspelletjes. Legaal en illegaal, online (een immense groeimarkt) of in een kantoor. Er zijn de klassiekers waar op gegokt kan worden: winnaar van de partij, aantal sets, games, eerste ace, aantal aces enz. Maar het kan origineler. Op Betway bijvoorbeeld kan je gokken of de winnaar of winnares van Roland Garros in de Seine zal springen om zijn of haar overwinning te vieren. Bij andere bookmakers kan je gokje wagen op het weer bij een outdoormatch, op spelers en speelsters die de hardste kreungeluiden produceren. En, hou u vast, men kan zelfs centen inzetten op de mogelijkheid dat er een naakte man of vrouw de baan zal opstreaken. Zoals in de Wimbledonfinale 1996 tussen MaliVai Washington en Richard Krajicek toen een 23-jarige vrouwelijke streaker, net voor de toss, het gras van Centre Court opliep met een schort voor, die ze, eens op de baan, optilde... 

Men kan zelfs centen inzetten op de mogelijkheid dat er een naakte man of vrouw de baan zal opstreaken!

Maar we zouden het over matchfixing hebben. Met de in 2008 opgerichte ‘Tennis Integrity Unit’ (TIU) is de tennissport trendsetter in het bestrijden van matchfixing. Iedere beginnende tennisprof moet het als videocursus aangeboden Tennis Integrity Protection Programme (TIPP) volgen en een gedragscode ondertekenen dat hij of zij zich niet zal inlaten met welke vorm van corruptie ook. Afhankelijk van de ernst van de overtreding, kunnen de sancties oplopen tot 250.000 dollar boete plus een bedrag gelijk aan de waarde van de eventuele winsten die het strafbaar feit opleverde, plus schorsing tot levenslange uitsluiting.

Maar de ‘oogst’ acht jaar na datum oogt opvallend marginaal. Hoewel TIU een budget van twee miljoen dollar per jaar heeft, is de bezetting van die antifraude eenheid onvoldoende. Zes medewerkers moeten jaarlijks zo’n 120.000 tennispartijen controleren. De TIU kan hierbij telefoons, computers en bankrekeningen van tennisprofs checken. Ondanks die bevoegdheden is de uitkomst van onderzoeken nagenoeg nihil. Vier spelers, grijze muizen (Andrey Kumantsov, Sergej Krotiouk, David Savic en Daniël Koellerer) werden in 2014 als matchfixers verbannen uit de tennissport, met gigantische boetes tot 100.000 dollar erbovenop. En de Spanjaard Guillermo Olaso werd in 2013 voor vijf jaar geschorst, omdat hij drie keer de uitkomst van een wedstrijd had beïnvloed. De Italianen Potito Starace en Daniele Bracciali kregen vorige zomer van hun federatie eerst een levenslange schorsing wegens het vervalsen van wedstrijden. Starace moest ook een boete van 20.000 euro betalen, Bracciali het dubbele. Het beroepscomité van de Italiaanse tennisfederatie heeft drie maanden na hun veroordeling Starace volledig vrijgepleit, Bracciali zag zijn schorsing tot één jaar gereduceerd en zijn boete van 40.000 euro gehalveerd. En dan zijn er nog enkele ‘kleine garnalen’ die de media nauwelijks of niet halen.

Hoewel de Tennis Integrity Unit een budget van twee miljoen dollar per jaar heeft, is de bezetting van die antifraude eenheid onvoldoende. Zes medewerkers moeten jaarlijks zo’n 120.000 tennispartijen controleren

Er bestaan ook voorbeelden van partijen die heel zwaar naar matchfixing ruiken maar ‘het voordeel van de twijfel’ hebben doorstaan. Een concreet voorbeeld, medio augustus 2014. De Nederlanders Antal van der Duim en Boy Westerhof, al van jongsaf beste maatjes buiten de tennisbaan, kwamen in opspraak door de wel heel opzienbarende uitslag van een onderlinge wedstrijd in de eerste ronde van de Challenger (25.000 dollar) in het Duitse Meerbush. Gokkers hadden het bizar hoge bedrag van 750.000 euro ingezet op het derderangspartijtje dat zonder camera’s en voor amper een handvol toeschouwers werd afgewerkt. Ruim twintig keer meer dan normaal in zo’n geval. Westerhof, die met plaats 248 hoger op de wereldranglijst stond dan Van der Duim (280), kwam  6-4 en 3-1 voor. Gek genoeg werd er bij dergelijke stand door gokkers nog veel geld ingezet op een overwinning voor de quasi verloren Van der Duim. Plotseling sloeg het spel om. In geen tijd verloor Westerhof 12 van de 13 volgende punten en won Van der Duim alsnog de wedstrijd: 4-6, 6-3 en 6-3. “Dit had alle kenmerken van omkoping”, vertelt de Australische onderzoeksjournalist Shane Jones, die voor APN News & Media het proftennis grondig volgt. “Een grote fluctuatie in prijs, een enorme ommekeer in de wedstrijd en een heel voorspelbare afloop.” Westerhof gaf later in een interview toe dat hij en ook Van der Duim al langer met financiële problemen kampten. Zijn sponsor had afgehaakt en zijn vroegere fulltime coach, Mark Duncker, kon hij alleen nog inhuren bij belangrijke toernooien. “Financieel is het nauwelijks te doen voor een tennisser van mijn ranking', zei Westerhof. “Pas als je eenmaal in de top-50 of top-100 staat, is het makkelijk geld verdienen.” Een bekentenis die uiteraard olie op het vuur gooide. De Nederlandse tennisbond heeft de wedstrijd gerapporteerd bij de Tennis Integrity Unit. Maar het bleef stil vanuit officiële hoek, nog steeds… 

Bewijs maar eens dat een speler op breakpoint opzettelijk een dubbele fout sloeg om de gokkers te behagen

Volgens onderzoeker en gerenommeerd gokanalyst Mark Phillips, mede-oprichter en bestuurder van het invloedrijke Engels-Australische Global Sports Integrity- consultancy bedrijf dat wereldwijd en 7/7 en 24/24 gokactiviteiten in realtime monitort, heeft de TIU slechts ‘cosmetische’ veranderingen doorgevoerd. “De bewijsvoering voor matchfixing is complex. Gokpatronen zijn een indicatie, geen vangnet. Bewijs maar eens dat een speler op breakpoint opzettelijk een dubbele fout sloeg om de gokkers te behagen en zijn bankrekening te spekken.”

Waarom fixen?

Het zwarte fixingbeest blijft in alle stilte schaamteloos om zich heen bijten. Wereldwijd. Begin dit jaar meldden de BBC en het Amerikaanse internet mediabedrijf Buzzfeed News dat 16 toptennissers opvallend vaak relatief makkelijke wedstrijden verloren en dat er ook nog eens uitzonderlijke veel geld op hun nederlaag was ingezet. En de Nederlandse data-analisten Chris en Adriaan Bol stookten het vuurtje nog wat bij. De tweelingbroers hebben op hun blog 15 namen onthuld van tennissers die volgens hùn onderzoek vaak betrokken waren bij verdachte wedstrijden. De grootste naam op de lijst is die van Lleyton Hewitt, ex-winnaar van de US Open en ook ex-nummer één van de wereld. De data-analisten voegen er wel uitdrukkelijk aan toe dat er géén sluitend bewijs is dat de bewuste spelers daadwerkelijk betrokken waren bij matchfixing.

Kirsten Flipkens werd in het verleden ook al eens benaderd. "Ik kreeg toen geregeld berichten van gokkers die door mij geld verloren", zei ze recent. “Het was in Portugal, tegen de Estse speelster Maret Ani, denk ik. Ik kreeg een bericht op Facebook. Er stond een gigantisch bedrag in." En Djokovic, nu nummer 1 maar in 2007 nog net geen top 10-speler : “Ik werd in 2007 via mijn omgeving 150.000 dollar beloofd om te verliezen in de eerste ronde van een toernooi in Sint-Petersburg. Ik heb het bod heel gedecideerd afgeslagen en heb dat toernooi toen zelfs niet eens gespeeld.”

En waarom zouden spelers matchen fixen? Uit een studieonderzoek (2014) van de Internationale Tennisfederatie bleek dat slechts 1,8 procent van de mannelijke tennissers en 3,1 procent van de vrouwelijke tennisspelers echt winst hebben gemaakt in 2013. Van de ondervraagde spelers gaf 95% toe dat hun inkomsten door prijzengeld en sponsoring hun kosten niet dekken. Ze moeten dus andere financiële kanalen aanboren. Ouders, crowdfunding, lesgeven, de lotto of ‘een dubieus achterpoortje’….?

In een tweede, laatste bijdrage in dat kader gaan we dieper in op het ‘wel en wee’ van spelers die het hele jaar door de kleine toernooien (moeten) spelen en nauwelijks of niet rondkomen en voor de verleiding voor matchfixing dus groot is.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.