Feeling Good

maandag 05/11

Ik moest afgelopen vrijdag onmiddellijk aan Nina Simone denken en haar voortreffelijke lied 'Feeling Good'. Wellicht komt dat door mijn associatieve geest (Nina leidt naar Nina), maar heel even leek het wel alsof de tekst - die overigens niet door de briljante jazzzangeres zelf geschreven werd - op de sportieve prestaties van frêle Nina uit Sint-Truiden gebaseerd was.

'Birds flying high, you know how I feel / Sun in the sky, you know how I feel / Breeze driftin' on by, you know how I feel'. Waarna het kippenvel bezorgende refrein eraan komt: 'It's a new dawn / It's a new day / It's a new life / For me / And I'm feeling good'. Gezongen door een vrouw die zich allesbehalve goed voelde en die een leven leidde waarin de leggers van de brug wel zeer ongelijk lagen.

De song paste perfect bij het sacrale moment (vind ik). Eerste Belgische turn(st)er ooit die goud behaalde op een wereldkampioenschap, een oefening die de perfectie benaderde, het hele land dat meejuichte, iedereen 'feeling good'. Een van de grote momenten uit de Belgische sportgeschiedenis, al zal ze straks om de titel van Sportvrouw van het Jaar mogen kampen met zevenkampicoon Nafi Thiam. Wat een weelde!

'River running free, you know how I feel'

"Eerste Belgische turn(st)er ooit die goud behaalde op een WK, een oefening die de perfectie benaderde, het hele land dat meejuichte, iedereen 'feeling good'"

Geen toeval

De zege op haar favoriete oefening, de brug met ongelijke leggers, was eigenlijk geen verrassing: Nina Derwael was na haar opeenvolgende Europese titels op het nummer de uitgesproken kandidaat-winnares. Maar om het dan ook nog waar te maken in dit selecte gezelschap met de beste turnsters van de wereld is ronduit fenomenaal. Bijna a-typisch voor een Belgische, ben ik geneigd om te schrijven, afkomstig uit een land met faalangst op het hoogste niveau. Dan denk ik echter aan Justine, Kim, Ann, Tia en Nafi, en is de conclusie: zo slecht doen we het niet, in de vrouwensporten. Mondiale toppers, het ligt minder voor de hand dan het misschien kan lijken.

Het succes van Nina Derwael is het gevolg van een planmatige aanpak. Bij haar en haar entourage - bescheiden, maar gedreven en ondersteunende ouders -, en bij haar professionele begeleiders. Het Franse trainersduo én echtpaar Yves Kieffer-Marjorie Heuls werd na olympische succes met Franse gymnasten naar de Vlaamse Gymfed(eratie) gelokt, met als opdracht: doe dit ook bij ons. Voor een keer geen sportbond waarin al wat oudere bobo's - ik blijf beleefd - vooral hun eigen postjes willen afschermen en zo sportieve groei afremmen, maar bestuurders die hun eigen macht grotendeels uit handen gaven in de hoop dat het resultaten zou opleveren.

En hoe! Toen Derwael in april vorig jaar goud pakte in het Roemeense Cluj-Napoca - ook dat was een primeur! - schoot het hele land wakker. O ja, we hebben een turnster op Europees topniveau. Toeval? Wisten de meesten veel. Hoewel turnen een van de voornaamste olympische sporten is - de eerste olympische week wisselt het de internationale media-aandacht af met zwemmen -, wordt er hier nauwelijks naar omgekeken. Misschien was dat wel een voordeel, dat Derwael in de relatieve luwte haar carrière kon voorbereiden. Dat ze in augustus dit jaar in Glasgow opnieuw EK-goud pakte, was geen verrassing meer.

De bevestiging op een WK maakt nu duidelijk dat Nina Derwael wereldtop is: ze versloeg onder anderen de Amerikaanse Simone Biles, de beste turnster van het moment, en de Russische Alia Moestafina, tweevoudig olympisch kampioene op de brug met ongelijke leggers. En ze deed dat met ruim verschil, met een oefening die tegelijk gracieus en gedurfd was. De vierde plaatsen op de balk en in de allround-competitie doen het beste verhopen voor de toekomst. Vorig jaar was ze 'slechts' achtste allround en pakte ze 'slechts' brons aan de brug.

'Dragonfly out in the sun, you know what I mean'

"Vooral door toedoen van de streng geselecteerde Russische meisjes heeft vrouwenturnen de voorbije 50 jaar iets van een freakshow gekregen"

Reuzin

Nochtans scheelde het maar een haar of ze werd afgewezen op de Topsportschool: te groot. Met haar 1,68 m (1,70 m volgens Wikipedia) is Nina Derwael een reuzin tussen de dwergmeisjes. Ik schrijf dit met enige pudeur, omdat het zo oneerbiedig klinkt, maar sinds de jaren 70 is turnen een sport geworden waarbij meisjes worden gerekruteerd op leeftijd (heel jong), gewicht (pluimpjes) en lengte (liefst kleiner dan 1,60 m). De 21-jarige Simone Biles is bijvoorbeeld amper 1,42 m laag en 47 kg licht. Vooral door toedoen van de streng geselecteerde Russische meisjes heeft vrouwenturnen de voorbije vijftig jaar iets van een freakshow gekregen.

Noem mij ouderwets, maar ik heb het meer voor de natuurlijke elegantie van Vera Caslavska of Nadia Comaneci. Die zagen er nog vrouwelijk uit en domineerden hun sport met franje. Comaneci zorgde voor de eerste tien in het turnen. De perfectie (nabij). Nina Derwael past in dat rijtje. Ze is iets te groot voor de sprong en de grondoefening, maar op de balk en zeker aan de brug met ongelijke leggers kan ze de komende jaren de beste zijn. In het hoofd zit het blijkbaar goed: anders hou je je zenuwen niet onder controle op een WK. Al zal de druk over twee jaar in Tokio nog veel groter zijn: dat is dat ene moment om de vier jaar wanneer turnen plots wereldwijd herontdekt wordt en alle aandacht krijgt (die het ook anders verdient).

Benieuwd hoe Derwael met die nieuwe status zal omgaan. De beste van de wereld blijven is zowaar nog moeilijker dan de beste van de wereld zijn. Maar laten we nu vooral het momentum koesteren.

'Stars when you shine, you know how I feel'

"Benieuwd hoe Derwael met die nieuwe status zal omgaan. De beste van de wereld blijven is zowaar nog moeilijker dan de beste van de wereld zijn"

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.