Florian van Acker medaillekandidaat op de Paralympics in Rio

Jonge tafeltennisser met autisme en verstandelijke beperking

woensdag 07/09

En als ons land nu ook eens één of meerdere medailles grijpt op de Paralympische Zomerspelen van 7 tot 18 september in Rio? Tafeltennisser Florian van Acker is in Brazilië één van de 4.350 deelnemende atleten uit 178 landen. Hij profileert zich als een ernstig podiumkandidaat op die Olympische Spelen voor mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking. Het sportieve CV van de adoptiefzoon met autisme en een verstandelijke beperking mag er in elk geval zijn.

De 19-jarige Langemarkenaar van Roemeense origine is Europees en Belgisch kampioen G- sport 2015 (sport voor personen met een handicap) en wereldnummer 1 in zijn categorie, de klasse 11 of tafeltennissers met een verstandelijke handicap (*). Wat meer is: Florian schittert ook in het ‘gewone’ circuit. Hij is er Belgisch kampioen -21 en speelt met TTC Gullegem in 1ste nationale, het op één na hoogste Belgische niveau. Hij is met een B0-klassement Belgische subtop.

Florian van Acker is een apart menselijk en sportief verhaal. De jongeman lijdt aan een ‘autismespectrumstoornis’, leeft en reageert in zwart en wit, heeft een lichte verstandelijke handicap en is de adoptiezoon van het West-Vlaamse koppel Eric en Dora Van Acker-Debedts. Florian werd kort na zijn geboorte door zijn natuurlijke ouders afgestaan en heeft zijn eerste jaren  in een weeshuis en in een overgangspleeggezin doorgebracht.

Florian was 3,5 jaar toen hij in België aankwam. Hij kon nauwelijks lopen. Dora Debedts: “Maar hij was wel heel actief, impulsief, onrustig. Heel doende, zoals men hier zegt. Die motorische onrust en energie linkten wij aanvankelijk aan zijn verblijf in het weeshuis. Een andere reden zagen wij niet meteen, temeer omdat zijn Roemeense pleegma ons verteld had dat Florian op zijn tweede nog niet kon lopen, geen vast voedsel binnen kreeg en quasi constant in een bedje lag. Mijn man en ik hebben wat later zijn dynamiek aan een soort van verregaande ontdekkingsdrang gekoppeld. Of aan een hunker naar gehechtheid, affectie. Misschien is zijn wat lagere IQ wel aangeboren of te wijten aan verwaarlozing en tekort aan liefde tijdens de prille eerste levenstijd.”

“Florian komt normaal over. Maar als je hem een tijdje hoort en kent, merk je dat hij ‘anders’ is”, gaat Dora verder. “IQ-testen wezen uit dat zijn verstandelijke vermogens niet met de normale snelheid ontwikkeld zijn. Door zijn intellectuele of cognitieve stoornis is hij beperkt in vaardigheden zoals communicatie, zelfredzaamheid en sociale omgang. Als er hem op school iets niet interesseerde, klapte hij de boeken toe, punt. Alleen als zijn leraar hem beviel, wilde hij extra moeite doen. Hij is door de jaren gelukkig in de positieve zin geëvolueerd.”

Door zijn autisme denkt Florian van Acker ook heel zwart-wit. Dora Debedts: “Hij is voor of tegen iemand. Een affectief compromis bestaat niet bij hem. Ook in zijn denken bestaan er geen tinten grijs. Als het neen is, is het neen. Hij heeft bijvoorbeeld vanaf juli bewust, op een schaarse uitzondering na, alle interviews geweigerd. Hij is op 21 augustus zelfs niet naar het ‘Opening Paralympics Event’ in het BOIC Rio House op het strand van Oostende willen gaan, waar de teruggekeerde olympiërs en het paralympische team voorgesteld werden aan het publiek. “Mama, ik wil die drukte niet. En al die vragen… Neen…”  Zo consequent is hij.”

Dora Debedts: “Als hij wil winnen, gaat hij er geen 100 maar 200 procent voor. Typerend: als hij 0-2 achter staat, kan hij zich mentaal maximaal oppompen om de volgende drie sets te winnen. En meestal lukt dat ook. Maar hij kan tijdens een match ook pertinent verstrooid zijn. En als hij zich niet begrepen voelt en 100 procent overtuigd is van zijn grote gelijk, durft hij verbaal echt door te drammen. Zijn entourage en zeker zijn coach weten gelukkig hoe ze hem uit zo’n emotioneel moment moeten halen: een verstrooiend grapje helpt altijd. Bij zijn Gullegemse club hebben ze zijn overgevoeligheid al wat gekanaliseerd.”

Florian van Acker werd door vader Eric en moeder Dora bewust al jong, op zijn zevende, naar de sport geleid. Judo, karate, paardrijden, zwemmen, basketbal… “Onder andere om hem een gevoel voor sociale omgang bij te brengen. Maar bij bepaalde sporten moet er goed nagedacht worden. Neem nu basketbal. Florian is heel balvaardig, maar basketbal is een snelle en complexe sport… Te moeilijk, te veel regels. Toen hij als jongere basketbal speelde, ging hij ook te veel de individuele toer op en dat gaf problemen binnen de ploeg, natuurlijk.”.

Florian is van nature rechtshandig, maar gebruikte op school tijdens de lessen houtbewerking zijn linkerhand om zijn rechter te sparen in functie van zijn tafeltennis

Florian heeft bakken talent, traint hard en ‘tafeltennist’ complexloos. Hij zette zichzelf recent in de Slovenian Open, een internationaal hoog aangeschreven competitie, met de eindzege prominent in de olympische etalage. Dora Debedts: “Florian combineert talent met enorm veel grensverleggende wilskracht. Niemand, ook wij niet, hadden ooit gedacht dat hij een B-speler zou worden, laat staan B0. Florian wilde zich ook heel graag kwalificeren voor Rio. Nu hij zijn olympisch ticket binnen heeft, is er al een nieuwe focus: een olympische medaille. Ook droomt hij ervan om later A-speler te worden in het valide circuit en dus bij de Belgische top 30 te staan.”

Florian hoopt later in een sportomgeving aan de slag gaan. Dora Debedts: “Hij heeft in het Bijzonder Onderwijs een attest houtbewerking behaald. Maar zijn leraren hebben hem bewust nooit met machines laten werken. Om hem tegen zichzelf en vooral zijn vingers te beschermen... Die praktijkachterstand maakt het hem uiteraard niet gemakkelijker om aan werk te geraken. We bekijken zijn toekomstmogelijkheden met een DOP (Dienst Ondersteuningsplan) en proberen zo in kaart te brengen wat Florian nodig heeft en we welke steun hij eventueel kan aanvragen.”

Dora Debedts dist tussendoor een paar typerende anekdotes op: “Tijdens een ouderavond op school liet zijn titularis ongewild een geheimpje vallen. De man zei me tussendoor dat Florian alle praktijklessen met zijn linkerhand uitvoerde. Ik zie Florian nog angstig naar mij kijken… ‘Oei oei, mama weet het nu…’ Hij voelde zich ‘verraden’. Hij is van nature en thuis altijd rechtshandig maar gebruikte tijdens de lessen houtbewerking zijn linkerhand om zijn rechter in functie van zijn tafeltennis te sparen.”

Florian van Acker is eerder toevallig in het tafeltennis terecht gekomen. “Ik ben op mijn tiende, op aandringen van onze Langemarkse vriend en buurman William Claerbout meegegaan naar zijn tafeltennisclub Free Time Zonnebeke. Daar kreeg ik de microbe ferm te pakken. Toen ik van Sinterklaas een tafeltennistafel kreeg, was ik helemaal vertrokken. Ik werd al snel opgenomen in de provinciale selectie en kreeg wekelijks training van oa Jo Willems, sporttechnisch coördinator van de Vlaamse Tafeltennisliga. Ik heb mooie jaren gekend in Zonnebeke en heb er blijvende vriendschappen aan over gehouden. In 2010 ben ik er toch vertrokken omdat ik hogerop wilde.”

Florian is toen getransfereerd naar het sportief hoger gequoteerde TTC Jong Gullegem in nationale 1 waar hij verder aan de weg timmerde. Florian: “Ik promoveerde met de club mee van 1e provinciale en een persoonlijk C4-klassement naar 1e nationale en een B2-klassement. De club is daarenboven als een grote familie die ook mensen met een beperking toelaten en een plaats geven. De voorzitter Frank Decaluwe is opvoeder en heeft ook aan mijn sociale vaardigheden gewerkt.”

Florian van Acker vindt het “mooi dat iemand die een beperking heeft, in België ook in het ‘gewone’ circuit mag meedraaien”.  Hij kreeg veel hulp van topmensen uit het tafeltennismilieu. “Bijvoorbeeld van Nele Pattyn, trainer bij de Vlaamse trainerschool en mijn coach in Zonnebeke, en van haar schoonbroer Wim Bruneel, jeugdsportcoördinator bij Jong Gullegem en sportfunctionaris bij de Vlaamse Trainersschool. Zij hebben mij uitgelegd hoe ik op de lijst van INAS (de internationale federatie voor atleten met een verstandelijke handicap) kon geraken. Ik krijg als G-sporter ook de kans om via Parantee (de Vlaamse  liga van het Belgisch Paralympisch Comité) en Sport Vlaanderen de kans met toptrainers te werken. Mijn coach en vertrouwenspersoon is ligatrainer Nico Vergeylen, met wie ik in 2014 elite-topsporter werd en brons won op de wereldkampioenschappen in Beijing.”

De intensieve voorbereiding op Rio van Florian van Acker is vorig jaar in september begonnen. “Ik train oa met topsparringpartners  Cédric Merchez en Kilomo Vitta, respectievelijk de Belgische nummers 8 en 15 ( bij de validen, ml). Ik werk éénmaal per week twee uur lang de conditie bij onder leiding van multi-atlete Bieke Vandenabeele, krachttrainer bij Wielerbond Vlaanderen. Tijdens het weekend waren er meestal diverse competities. Sinds mei is de trainingsintensiteit omhoog geschroefd met o.a. volle weekstages. Meteen daarna mocht ik twee weken meetrainen in de Vlaamse  topsportschool. Een prachtervaring.“ Hiermee is dus een heel stevige basis gelegd op straks in Rio de hoge ambitie te realiseren: een Olympische medaille.

(*) Klasse 1 tot 5 is voor rolstoeltafeltennissers en klasse 6-10 voor spelers die opstaand spelen. Klasse 11 is voor spelers met een verstandelijke beperking.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.