Johan Vansummeren

En het belabberde leven na de wielersport

maandag 13/03

Summie, voor de vrienden, staat niet graag in het middelpunt van de belangstelling. Daarvoor is ie te nuchter, te bescheiden. We hebben hem tijdens zijn carrière vrij vaak geïnterviewd, maar het moet gezegd, dat waren vanuit radiofonisch standpunt, niet altijd de beste interviews. Vansummeren wikte en woog zijn woorden, dacht al pratend na en zocht voortdurend naar de juiste formuleringen. Niks mis mee, het hoeven niet allemaal winnaars van het Leids cabaretfestival te zijn. 

©Tim De Waele

Vansummeren was een steengoed renner, getuige daarvan de selecties die hij kon versieren voor wereldkampioenschappen. De lange uit Lommel kon wel een tijdje blijven beuken aan kop van het peloton, hoofdschuddend, maar altijd met plezier. Neen, een winnaar was ie niet, integendeel. En als hij dan eens won, namen ze hem niet ernstig. Zoals in 2008 bij de ploegvoorstelling van het Lottoteam. Een jaar eerder had hij de Ronde van Polen op zijn palmares geschreven. Vansummeren geraakte daarmee zowaar in de geschiedenisboeken door als eerste Belg ooit een rittenkoers van de Protour te winnen. Die overwinning gaf hem een boost en daarom koesterde hij de hoop op te schuiven in de hiërarchie van de ploeg. IJdele hoop. We kunnen die enorme teleurstelling op zijn gezicht tot op de dag van vandaag haarscherp oproepen. De aandacht ging naar Evans, McEwen, Van Avermaet, Hoste en Popovytsj. De harde realiteit dat Vansummeren andermaal in de rol van helper werd geduwd, stoorde hem enorm.

Maar in 2011, toen in dienst van het Amerikaanse Garmin, sloeg hij de slag van zijn leven. Na een solo van 15 kilometer won hij Parijs-Roubaix, op een leegloper nota bene, en vroeg zijn vriendin ten huwelijk voor het oog van de registrerende camera’s. Jasmine Vangrieken, in haar jeugd een goede zwemster geweest, riep wa?! en viel in zijn bezwete armen. De rest is geschiedenis.

We hebben het altijd wel gehad voor de underdog. En zo mag je hem wel bestempelen. Geen man van 5 sterren in de zaterdagkrant, maar toch vaak 1. Nog net vernoemd worden, zo, toch wel. Wellicht is het daarom dat we, bij de start van een nieuw wielerseizoen, met hem meeleven en proberen in te schatten, als dat al kan, hoe dit allemaal moet voelen binnenin zijn hoofd. 

De harde realiteit dat Vansummeren andermaal in de rol van helper werd geduwd, stoorde hem enorm

Want, probeer het je eens voor te stellen: plots valt hetgeen je het beste kunt en ook het liefste doet in het leven weg. Noodgedwongen, zonder voorafgaande waarschuwing. Bijna van de ene dag op de andere. Terwijl je op dat ogenblik nog in geen duizend lichtjaren denkt aan dat einde. Net omdat je dat beroep nog met zoveel plezier uitoefent. En op een niet onaardige manier overigens. Het is de laatste jaren een aantal wielrenners overkomen: wereldkampioen veldrijden Niels Albert, Klaas Lodewyck en onlangs nog Gianni Meersman. Voor Johan Vansummeren is het inmiddels bijna een jaar geleden dat hij vanuit de medische wereld het dwingende sein kreeg om te stoppen met koersen. Ook al maakte hij die beslissing pas eind juni bekend, toch waren er in het begin van het seizoen al tekenen dat er iets aan de hand was. Bijna niemand was er toen van op de hoogte, maar in de ronde van Qatar fietste Summie al rond met een apparaatje dat het hartritme analyseert en indien nodig registreert.

‘Vanuit de wielerwereld moet je geen steun verwachten. Dat doe ik ook niet, daarvoor ben ik te nuchter en te realistisch. Ik ben zelf mijn hele wielerleven alleen met mezelf bezig geweest. Waarom zou ik dan nu verwachten dat anderen dagelijks berichten sturen of informeren naar mijn toestand? Neen, zo mag je dat niet bekijken. Dus in die zin heb ik zeker geen harde klap op mijn hoofd gekregen. Dit is gewoon de realiteit. Ik wil wel benadrukken dat de afhandeling van mijn dossier door de mensen van AG2R heel correct is verlopen.’

"Ik ben mijn hele wielerleven alleen met mezelf bezig geweest. Waarom zou ik dan nu verwachten dat anderen dagelijks berichten sturen of informeren naar mijn toestand?"

Wanneer hij het peloton eind september tijdens de Eneco Tour ziet voorbijrazen, doet het pas echt pijn: ‘Ik voelde me belabberd. Voor het eerst stond ik aan de andere kant van de draad. Letterlijk. Een peloton waarin je zelf jarenlang hebt gezeten, zoeft voorbij. Je staat erbij en kijkt ernaar. De gedachten daar en toen, kijkend naar de vroegere collega’s, waren enorm confronterend. Je hebt de leeftijd, zeggen sommige mensen. Wellicht goed en zalvend bedoeld. Maar ondanks het feit dat ik een mid-dertiger ben, wilde ik graag nog een tijdje doorgaan. En zo dachten andere mensen er ook over, want ik had met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kunnen bijteken bij AG2R. Voor een lager loon? Geen enkel probleem! Het fietsplezier was daarvoor nog te groot. Ik had bijvoorbeeld erg veel zin om mijn Franse ploegmaat, en klasbak, Alexis Gougeard op te leiden voor het klassieke werk. Om zijn ervaren gids te zijn. Weet je, het leven van een prof heeft me altijd geboeid. Geen enkele keer heb ik met tegenzin mijn koffers gepakt of ben ik met een pruillip naar de luchthaven gereden. Dat leven als bohemien leed ik bijzonder graag. Het reizen, het hotelleven met een groep jonge mensen die allemaal hetzelfde doel nastreven, het buitenleven, fantastisch!’

"Ik had met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kunnen bijteken bij AG2R. Voor een lager loon? Geen enkel probleem! Het fietsplezier was daarvoor nog te groot!"

Nadenken over de toekomst had Summie nooit gedaan. Hoefde ook niet, tot het hart toesloeg. ‘Na mijn carrière had ik graag nog een marathon gelopen of mooie dingen met de mountainbike willen doen. Luc Bellings (sterrenchef) en ik wilden samen de Alpsepic rijden, een meerdaagse marathon. Daarvoor moet je wel een medisch attest voorleggen. Helaas. Doorheen dat project mag ik al een streep trekken. Ach, ik mag me ook gelukkig prijzen dat mijn relatie niet onder druk kwam te staan door de gebeurtenissen. Dat is al heel wat. Bovendien heb ik een aantal goede vrienden rondom me die mij gesteund hebben. Als je die fiets kotsbeu bent en dat rotding vervloekt, dan is moeten stoppen door welke reden dan ook minder erg, vermoed ik. Als je dag in dag uit nog zo graag op dat ding zit zoals ik deed, dan komt zo’n abrupt einde wel keihard binnen. Vooral dat: het niet zelf kunnen beslissen waar de streep ligt, is mentaal moeilijk om mee om te gaan.’

Vansummeren vertelde ons vorig jaar dat hij ervan droomde ploegleider te zijn bij teams uit exotische wielerlanden. Ploegen uit het Midden-Oosten of Oceanië bijvoorbeeld. Om een stukje van de wereld te zien. Helaas, niets gevonden, nergens beet gehad. Ook niet in Europa. ‘Patrick Lefevere heeft me beleefd per mail geantwoord dat er geen plaats was voor een bijkomende ploegleider. Ook het antwoord van Wanty was vriendelijk. Maar minstens evenveel ploegen hebben niet eens de moeite genomen om te antwoorden. Ook dat is de realiteit zeker? De plaatsen zijn erg duur maar ook dat begrijp ik. Ach, ik ga de komende weken niet in de zetel blijven zitten. Daar ontmoet je geen mensen, weet je…’

"Ach, ik ga de komende weken niet in de zetel blijven zitten. Daar ontmoet je geen mensen, weet je…"

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.