Kristof Allegaert, winnaar van de zwaarste wielerwedstrijd ter wereld (9.195 kilometer)

“Trainingsritten naar Parijs en terug zijn geen uitzondering”

maandag 05/09

Terwijl de profrenners tijdens de Tour de France, verspreid over 21 ritten, 3.358 km aflegden, overbrugde Kristof Allegaert in amper 15 etappes maar liefst 9.195 km. De 42-jarige leraar uit Kortrijk won vorige zomer de eerste editie van de Red Bull Trans-Siberian Extreme, een amateurrace tussen Moskou en Vladivostok, die door zijn duizelingwekkende lengte en wisselende klimatologische omstandigheden meer dan terecht als de zwaarste wielerwedstrijd ter wereld wordt bestempeld. Deze extreme fietstocht was echter niet zijn enige heldendaad.

Kristof Allegaert: “Of ik mezelf topsporter voel? In zekere zin wel, toch als ik bedenk hoeveel uren ik doorbreng op de fiets. Maar er is één cruciaal verschil: ik doe het louter voor het plezier. Fietsen is altijd al een wezenlijk deel van mijn leven geweest, zij het op puur recreatieve basis. Een sportieve carrière heb ik nooit geambieerd. Het stond dus zeker niet in de sterren geschreven dat ik me zou gaan toeleggen op lange fietsraces, maar doorheen de jaren is de afstand en de intensiteit van mijn tochten systematisch toegenomen. De bal is finaal aan het rollen gegaan toen ik in 2013 met een Duitse vriend een discussie had over deelname aan de Transcontinental Race (3.800 km). Na lang twijfelen heb ik me toch ingeschreven – op aansporing van mijn vrouw. De rest is geschiedenis...” 

 

Transcontinental Race

“De Transcontinental Race is een concept dat me voor de volle honderd procent aanspreekt: je start in Londen, je eindigt in Istanbul en onderweg moet je enkel checkpoints op de Muur van Geraardsbergen en de Stelvio passeren. Welke route je tussendoor neemt, waar en wanneer je eet en rust, welke landen je aandoet: je mag het allemaal zelf kiezen. Het avontuur en de vrijheid primeren. Een week lang één met de elementen: een sublieme ervaring. En ondanks het feit dat ik op zich geen belang hecht aan competitie, maak ik er wel een punt van om er het maximum uit te halen. Uiteindelijk heb ik de Transcontinental Race twee keer na elkaar gewonnen.

Uiteraard loopt zo'n race niet altijd van een leien dakje. Je denkt weleens 'waar ben ik in godsnaam mee bezig?', maar dat moet je een plaats kunnen geven. Zelfs in het hol van Pluto moet je jezelf kunnen motiveren. Dag na dag diep kunnen gaan is een must. Jezelf opnieuw op gang trekken in de regen na amper twee uurtjes slaap: idem dito. Én je moet kunnen omgaan met de eenzaamheid. Kortom: enige mentale weerbaarheid is wel aangewezen. Gemiddeld legde ik in mijn tweede Transcontinental Race dagelijks 478 kilometer af. Aan een moyenne van 27 per uur ben je dan algauw 18 uur onderweg. Slapen deed ik meestal in het openbaar, want tijd om te genieten van hotelfaciliteiten heb je simpelweg niet.”

Gemiddeld legde ik in mijn tweede Transcontinental Race dagelijks 478 kilometer af. Aan een moyenne van 27 per uur ben je dan algauw 18 uur onderweg!

Trans-Siberian Extreme

“Eigenlijk zou ik vorige zomer als tweevoudig titelverdediger opnieuw deelnemen aan de Transcontinental Race, maar eind mei werd ik plots getipt over de Red Bull Trans-Siberian Extreme: een nieuwe ultrarace van Moskou naar Vladivostok, recht door het Russische binnenland. De rit op zich stond al lang op mijn verlanglijstje – als vakantie welteverstaan. Achteraf bekeken ben ik blij dat ik het in wedstrijdverband heb gedaan, want het landschap kan er erg eentonig zijn. Slechts tien deelnemers durfden de uitdaging aan.

De Trans-Siberian Extreme bestaat – in tegenstelling tot de Transcontinental Race – uit vijftien verschillende etappes, inclusief tijdslimiet. De totale af te leggen afstand bedroeg 9.195 kilometer. De langste etappe telde 1350 kilometer, de kortste 330 kilometer. In het begin van de race liep het vierkant. Je krijgt een volgwagen mee met een team dat je op je wenken bedient, maar aanvankelijk was het voor ons echt zoeken naar een optimale werkwijze. Enkel door te snoeien in het aantal tussenstops heb ik mijn initiële achterstand geleidelijk kunnen goedmaken. Nadien heb ik de wedstrijd naar mijn hand kunnen zetten in de koninginnenrit (1.350 km), die ik -op een uurtje slaap na- in één ruk heb uitgereden. Ik ben toen 52 uur onderweg geweest, 's middags aangekomen en de volgende ochtend gewoon opnieuw gestart in de volgende rit.  

Een niet te onderschatten factor is ondervoeding. Je kan de calorieën die je verbrandt (circa 15.000 per dag) immers nooit opnieuw aanvullen.

Zo'n race hakt logischerwijs enorm op je in. Een niet te onderschatten factor is ondervoeding. Je kan de calorieën die je verbrandt (circa 15.000 per dag) immers nooit opnieuw aanvullen. Daarnaast speelden ook de grillige weersomstandigheden een belangrijke rol. Van 45 °C tot -2 °C (soms zelfs op dezelfde dag), hele dagen tegenwind op kaarsrechte, licht oplopende wegen: we hebben het allemaal meegemaakt. Zo draaiden we op een bepaald moment rond met een groepje van vier man en haalden we een gemiddelde van slechts twaalf per uur. 'Extreem' is in dat opzicht dus zeker geen overdreven formulering.

De laatste honderd kilometer van de race waren eindeloos: veel meer hellingen dan verwacht, forse tegenwind en een loden hitte. Ik ben compleet uitgeput over de finish gebold, heb me achterin een busje gelegd en ben in een diepe slaap gevallen. Vlak na de aankomst denk je uiteraard 'nooit meer!'. Maar al snel halen de positieve aspecten de bovenhand: de vrijheid, de unieke ervaring, het landschap, het avontuur... Ik kijk ernaar uit om de Trans-Siberian Extreme dit jaar opnieuw te betwisten, al is het nog afwachten of ik het financieel rond krijg. Anders schrijf ik me met evenveel plezier in voor mijn derde Transcontinental Race.”

 

Proces van jaren

“Het spreekt voor zich dat ultraraces een enorme voorbereiding vergen. Het is een proces van jaren. Als je denkt dat een aantal maanden training zullen volstaan, kan je er maar beter niet aan beginnen. De wedstrijden zelf zijn slechts het topje van de ijsberg. Aangezien ik leerkracht ben, kan ik mijn vele vakantiedagen gelukkig optimaal gebruiken om kilometers te malen. En daarnaast heb ik een vrouw die me enorm steunt. Een groot geluk, dat besef ik maar al te goed!”

“In mijn trainingen ligt de nadruk vooral op volume en duurvermogen. Weken van 700 à 800 kilometer zijn vrij standaard. In de aanloop naar de Trans-Siberian Extreme deed ik één keer per week een rit van minstens vierhonderd kilometer. Hoe ik dat volhoud? Door mezelf voortdurend uitdagingen te stellen. Trainingsritten naar Parijs en terug zijn geen uitzondering. Vorig jaar ben ik in één ruk van Kortrijk naar de Mont Ventoux gefietst, vertrokken bij zonsopgang en de dag nadien voor zonsondergang gearriveerd op de top. Voorts probeer ik me uiteraard te verzorgen, maar niet op het maniakale af. Ik ben in vorm, maar sta niet messcherp. Als je aan zulke uitputtende races meedoet, kan je maar best een beetje reserve hebben.”

Vorig jaar ben ik in één ruk van Kortrijk naar de Mont Ventoux gefietst, vertrokken bij zonsopgang en de dag nadien voor zonsondergang gearriveerd op de top.

“Tijdens de wedstrijd zelf moet je je fysieke capaciteiten zeer goed kunnen inschatten. Het komt erop aan om een inspanning te leveren die je zeer lang kan aanhouden – op circa 70 à 75 % van je mogelijkheden, zodat je toch nog voldoende energie overhoudt voor de dagen nadien. Voorts is het zoeken naar een optimale balans tussen recuperatie en tijdswinst. Als je te veel inspanning levert en te weinig recupereert, betaal je dat achteraf cash. Maar die lijn is flinterdun en is voor iedereen persoonlijk. Luisteren naar je lichaam is het devies, want anders kom je hoe dan ook bedrogen uit.”

“Voor wie het ooit zelf zou willen doen, heb ik nog één belangrijke tip: geniet ervan en staar je niet blind op de race. Je ziet de zon opkomen, de natuur opleven, de dag evolueren...: een magisch gevoel. Maar onderschat het zeker niet! Vooral de opeenvolging van verschillende etappes is loodzwaar. Eén keer achthonderd kilometer fietsen zal voor sommigen nog wel lukken. Maar dat dagen of in het geval van de Trans-Siberian Extreme zelfs drie weken aan een stuk, is zeker niet voor iedereen weggelegd. Bij mij is het gelukkig nooit een doel op zich geweest en is die specifieke conditie er als het ware vanzelf gekomen. Allicht is dat ook mijn 'geheim': gewoon heel erg graag fietsen.”

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.