Man fietst met rokerslong een Tourcol van 2.000 m op

Philippe Poncet : “Door mijn zware ademhalingsproblemen ben ik 15 uur per dag gedwongen tot zuurstoftherapie”

donderdag 30/06

U kent in uw omgeving misschien wel iemand die bij het oplopen van een trap halfweg de klim in ademnood geraakt en halt moet houden om wat zuurstof bij te tanken. De 57-jarige Fransman Philippe Poncet uit Moûtiers (regio Rhône-Alpes) heeft een zwaar ademhalingsprobleem. Hij is een COPD-patiënt in de zwaarste vorm, fase vier. Chronisch Obstructief Longlijden, dus, beter bekend als chronische bronchitis of rokerslong. Zijn longen werken nog voor één derde. Hij is voor twee derden van zijn dagen afhankelijk van extra externe zuurstof die hij o.a. vanuit een zuurstofapparaat via een neusbril binnenhaalt. Zijn hele lichaam lijdt onder het zuurstofgebrek.

Maar ondanks die respiratoire beperkingen fietst de moedige Savoyard al acht jaar op karakter en omkaderd door longartsen en andere zorgplegers, heel opmerkelijke wielerprestaties bijeen. Hij is in zijn ‘paralympische categorie’ wereldrecordhouder over één uur, ‘s werelds snelste man op de 200 meter sprint-met-vliegende-start en hij heeft vorig jaar een Tourcol van 2.057 meter hoog getemd. Zijn trainingsschema: 4u op maandag en woensdag en 2u à 2u30 op de andere dagen. Zondag is rustdag.

Philippe Poncet is een pleidooi voor de tientallen miljoenen COPD-lijders wereldwijd die denken dat hun actieve leven stopt bij hun aandoening: “Een mens met zware ademhalingsproblemen die beweegt, is een mens die aan levenskwaliteit wint en wellicht ook langer leeft. Dat is mijn credo. Ik wil een rolmodel zijn, de jeugd sensibiliseren om aan tabak te verzaken en de overheid ervan overtuigen dat COPD (Chronic obstructive pulmonary disease) meer aandacht en financiële ondersteuning verdient.”  

"Ik wil een rolmodel zijn, de jeugd sensibiliseren om aan tabak te verzaken en de overheid ervan overtuigen dat COPD meer aandacht en financiële ondersteuning verdient"

Chronische benauwdheid, overmatige slijmproductie, droge hoest: het zijn allemaal symptomen van COPD. Het gevoel van kortademigheid is er elke dag.  COPD is ongeneeslijk.   In België lijden ongeveer 680.000 personen aan de ziekte. De zorgkosten voor een COPD-patiënt lopen in ons land hoog op: van 690 euro tot meer dan 1000 euro per jaar, aldus cijfers van Socmut. Wereldwijd lijdt nu al 5 procent van de wereldbevolking aan COPD en in 2013 stierven 3 miljoen mensen aan de chronische aandoening. De Wereldgezondheidsorganisatie voorspelt dat COPD in 2020 wereldwijd de derde doodsoorzaak is, na hart-en vaatziekten en beroertes. Ook alarmerend: COPD is de enige doodsoorzaak die wereldwijd blijft toenemen.

COPD is de enige doodsoorzaak die wereldwijd blijft toenemen.

Philippe Poncet lijdt sinds 2008 – toen 49 – aan de ziekte. “Ik deed als tiener intens aan sport. Op hoog niveau zelfs. Skiën, zoals bijna iedereen in mijn dorpje, in het hart van Les Trois Vallées met Alpenpieken tot meer dan 3000 meter. Ik was een tijdlang lid van de in Frankrijk erg gerespecteerde skischool van Bourg-Saint-Maurice, die heel wat internationale skitoppers heeft voorgebracht. Ik speelde ook tafeltennis en voetbal. Sport was mijn lange leven, dacht ik …  Tot ik op een bepaald moment passioneel viel voor de gitaar en begon te spelen in een lokale rockband. We hadden behoorlijk wat succes en traden zelfs op in Londen. Het was een intense tijd, de jaren 80, met de gekende excessen. Ik was een levensgenieter pur sang. En ik begon ook steeds meer te roken, tot 30-40 sigaretten per dag. Ik had nooit mogen vallen voor ‘het tabakmonster’, want ik was als kind al kortademig.”

Philippe Poncet is acht jaar terug, na een loopbaan van 25 jaar bij de directie van een communicatiekantoor, met een intens, strak fysio-medisch programma moeten starten. “Door mijn aandoening ben ik een groot deel van de dag en de hele nacht gedwongen tot zuurstoftherapie, 15 uur per dag ongeveer. Om iets autonomer te kunnen bewegen, gebruik ik een draagbaar zuurstofapparaat. Zo kan ik mijn huis verlaten. En dus ook fietsen. Twee derde van de tijd heb ik nood aan externe zuurstof. En ’s morgens drie doses luchtwegverwijders onder de vorm van zuurstofboosters. Tevens neem ik voedingssupplementen zoals verrijkte omega-3-vetzuren (DHA)…”

Toen Philippe Poncet de eerste mentale slagen wat verteerd had, koos hij voor een positief vervolg. “Ik wou en zou mijn onomkeerbare ziekte in een constructief verhaal omzetten en mijn leven weer zin geven. Ik heb mijn job moeten opgeven en ben in januari 2009 begonnen met revalidatieoefeningen. Fysieke reconditionering, hard, heel hard. Vergelijkbaar met het bestijgen van honderden trappen, maar na tien treden al verstikken. Ik heb me vastgeklampt aan mijn intens sportief verleden en begon dag na dag te voelen dat de inspanningen loonden. Ik werd ook wat geholpen door het toeval. Eén van mijn pneumologen, Christian Brambilla van het UZ Grenoble, is de zoon van de ex-profrenner Pierre Brambilla die in 1947 derde werd in de Tour. Een wielerfan, opgegroeid in het wielermilieu en longspecialist: die combinatie was meegenomen in mijn geval. Hij heeft me aangestuurd om te fietsen met externe zuurstof. En dat heb ik dus gedaan…” En hoe? Philippe Poncet leverde in 2013 een eerste opmerkelijke prestatie. Na 11 maanden intense voorbereiding beklom hij onder ruime publieke belangstelling in de Provence de Espigoulier, een col van 11 km lang, met zijn 723 meter de hoogste col in de Bouches-du-Rhône, een gemiddelde stijgingsgraad van 5% en een maximaal percentage van 11%.  “Ik was via een lang luchtpijpje gekoppeld aan een zuurstoffles die ex-toprenner Christian Seznec, eind de jaren 70 ex-luitenant van Raymond Poulidor en Joop Zoetemelk, op zijn rug meedroeg. Ik werd bij dit huzarenstuk ook begeleid door mijn arts-pneumoloog.” (Bekijk het filmpje op: https://www.youtube.com/watch?v=2Ctc58s7BQ8)

In oktober 2014 knalde hij op de wielerbaan van Hyères (Var) het uurwereldrecord op de tabellen: 23,849 kilometer in 60 minuten, met zijn zuurstoffles mee op de rug. Tijdens zijn voorbereiding liep Poncet een armbreuk en een barst in de pols op, maar zelfs deze blessures konden de Savoyard niet afstoppen.   

Op 6 juni 2015 zette hij op de velodroom van Eybens (Isère) het wereldrecord 200 meter spurt met vliegende start neer in minder dan 16 seconden, 5 seconden trager dan de Franse spurtbom François Pervis die in 2013 in Mexico het officiële UCI-wereldrecord op de 200 meter vliegende start op 9,947 seconden zette. Dit keer was de Bretoense pistard Vincent Le Quellec de drager van zijn zuurstofvoorraad.  

Op 6 september vorig jaar reed Poncet mee in ‘La Lucien Aimar’, een bij onze zuiderburen gerenommeerde cyclosportieve wielerwedstrijd die wordt gepatronneerd door de Franse spurtbom Daniel Morelon, eind de jaren ‘60 en ’70 veelvoudig wereld- en olympisch kampioen op de piste. Poncet had gekozen voor de afstand van 70 km, over een heuvelachtig parcours met tweemaal een klim over de Pas du Cerf (200 meter) in het Zuid-Franse stadje Hyères, in het departement Var. De man uit de Savoye klokte af na 3u34. Een gemiddelde van ongeveer 22 km per uur.  

"Fietsen in de bergen is het mooiste dat er is, un plaisir de vivre.”

De voorlopig laatste en misschien wel meest spectaculaire fietsperformance realiseerde Philippe Poncet op 21 oktober 2015: hij beklom in de Franse Alpen de Col du Lautaret, 32,3 kilometer lang en 2057 meter hoog. Philippe Poncet: “Om de zuidkant van de Col du Galibier te beklimmen, moet men eerst die Lautaret bedwingen. Ik trok na de passage bovenop de Lautaret nog even door, richting top van de Galibier, maar na 2 km moest ik mijn poging  afbreken omdat mijn begeleider die de zuurstoffles droeg, ten prooi viel aan een hongerklop. Maar het was mooi geweest. Fietsen in de bergen is het mooiste dat er is, un plaisir de vivre.”  

De ‘grandeur’ van de fietsprestaties van Philippe Poncet zijn door zijn landgenoot en ervaren profwielrenner Guillaume Bonnafond nog eens extra gekaderd. Om de prestaties van de COPD-patiënt te kaderen, werd Bonnafond eind vorig jaar aan een experiment onderworpen. Hij deed de klim naar de Galibier een eerste keer in ‘normale’ fietsomstandigheden aan ca. 20 km/u gemiddeld. Daarna zette men hem een masker op de mond waardoor de zuurstoftoevoer tot 50% werd herleid. "We wilden aantonen hoe zo’n kliminspanning aanvoelt voor mensen die lijden aan COPD," verklaart de begeleidende arts Jean-Jacques Roux. En het voelde allesbehalve goed aan. Berggeit Bonnafond startte enthousiast aan 22 km per uur maar zijn snelheid zakte al snel terug naar 7-8 km per uur. Toen hij na enkele minuten naar zigzagmodus afzakte, heeft men hem veiligheidshalve van zijn fiets geplukt. "Met het masker voelde ik me heel slecht in het begin, alsof ik ademde door een rietje," beschrijft Bonnafond zijn lijdensweg. “Ik geraakte snel buiten adem. Ik voelde me steeds slapper worden in de benen. En mijn hoofd tolde. De druk op mijn borst zwol per meter aan, ik leek te stikken. Chapeau voor wat Philippe presteert…”

 

Philippe Poncet heeft na zijn eerste wielerstunts de patiëntenvereniging “o2&Cie” opgericht. “o2&Cie” ontwerpt concepten en organiseert sportevenementen voor respiratoire patiënten. Op 4 september dit jaar neemt hij met een o2&Cie-team opnieuw deel aan ‘La Lucien Aimar’. Poncet heeft verkregen dat het wielerevenement op Europees niveau is getild. En la Fédération Française de Cyclisme en de l’UCI hebben de organisatie op hun kalender geplaatst. Poncet: “Het wordt het allereerste Europese sportevent onder de vlag van respiratoire beperking. We willen zoveel mogelijk patiënten motiveren om ondanks hun ademhalingsproblemen toch de fiets op te springen en zich over een afstand van 21 of 46 km te integreren in een peloton van profs, ex-profs en cyclosportieven. We hopen dat ‘La Lucien Aimar’ ook een politiek en maatschappelijk debat losweekt. En dat COPD-lijders (meer) gaan fietsen.”

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.