Motiverend coachen in de sport

Vlaamse wetenschappers bundelen nieuwe inzichten in opmerkelijk boek

vrijdag 10/03

Het was minister van Sport Philippe Muyters (N-VA) die bij de boekvoorstelling van ‘Motiverend Coachen in de Sport’ (*) met de markantste anekdote kwam.

“Ik ben zestien jaar voetbalcoach geweest”, zei Muyters, “en tijdens een van de wedstrijden ging een speler van de tegenstander – jonge gastjes van acht jaar - naar zijn eigen doelman en gaf die een lap in zijn gezicht – echt gebeurd! Wat ik vooral onvoorstelbaar vond, is dat de coach niet ingreep. En wat ik mij in dit geval afvraag, welk voorbeeld hebben die kinderen hier gekregen? En wat houdt coach-zijn in? Ik vind dat coaches een voorbeeldfunctie hebben. Jongeren kijken naar hen op, ze zijn een inspiratiebron. Een coach moet een technische expert zijn, maar ook een vader, een moeder, een psycholoog, een adviseur, een schouder om op te huilen. Een coach doet ook vaak de was - en ik mag zeggen dat ik bier kan tappen omdat ik coach ben geweest. Kortom, coach-zijn is een kunst waarvoor je talent moet hebben. Goede coaches zijn van onschatbare waarde. Ze vertrekken van iets positiefs, het talent, waardoor jongeren hun goesting om te sporten niet verliezen.”

Zeventig procent van de sportieve Vlaamse jongeren is actief lid van een sportclub. Toch neemt dit percentage af met het stijgen van de leeftijd. Een gebrek aan plezierbeleving vormt voor jongeren een van de belangrijkste redenen om vroegtijdig te stoppen met sport. Nathalie Aelterman, Gert-Jan De Muynck en Maarten Vansteenkiste (hoogleraar) van de vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids- en Sociale Psychologie, en Leen Haerens (hoofddocent) van de vakgroep Sport- en Bewegingswetenschappen van de Universiteit Gent, en Gert Vande Broek (hoogleraar) van het departement Bewegingswetenschappen van de KU Leuven, schreven daarom samen het boek ‘Motiverend Coachen in de Sport’. Geïnspireerd door de Zelf-Determinatie Theorie bestuderen ze hoe sportcoaches een motiverende rol kunnen spelen in het stimuleren van de motivatie en groei van kinderen. Het boek kwam tot stand in het raam van het project Coach met de M-factor (www.mfactor.be), een initiatief van de Vlaamse Overheid met UGent, KU Leuven en de sportsector (Sport Vlaanderen, BES, Vlaamse Sportfederatie en Vlaamse Trainerschool) en past binnen de reeks ‘Vitamines voor Groei’, waarvan Maarten Vansteenkiste en Bart Soenens in 2015 het moederboek schreven, getiteld ‘Vitamines voor groei: Ontwikkeling voeden vanuit de Zelf-Determinatie Theorie’.

Er zijn kinderen die gebukt gaan onder het competitief element, die agressief worden omdat ze mòeten winnen of die in sommige sporttakken eetstoornissen ontwikkelen

In M-factor staat de M voor motivatie en luidt de centrale vraag: hoe kan je jeugdsporters motiveren om te blijven sporten? Behalve een paktijkvriendelijk boek over motiverend coachen en een vragenlijst om je eigen coachingsprofiel te bepalen, werd er ook een opleiding voor coaches ontwikkeld die de afgelopen maanden over Vlaanderen is verspreid, dankzij ondersteuning van praktijkpartner Netwerk Sportpsychologie. “Het is de bedoeling dat structureel in te bedden in Vlaams sportlandschap, zodat het een effect heeft op langere termijn”, zegt Maarten Vansteenkiste, een van de auteurs.

Sporten blijkt voor jongeren cruciaal. “Ze zijn fitter, krijgen meer zelfvertrouwen, voelen zich beter in hun vel, ontwikkelen zich sociaal en ook hun prestaties op school kunnen verbeteren. Sport is daarom een zegen voor jongeren. Soms zie je wel negatieve uitwassen in de pers opduiken, zoals de verkiezing van de ‘Lul van de Week’, agressie op het voetbalveld of pakweg een volleybalspeelster die na twee foute passes van het veld wordt gehaald. Wat is het effect daarvan, kan je je afvragen? Er zijn kinderen die gebukt gaan onder het competitief element, die agressief worden omdat ze mòeten winnen of die in sommige sporttakken eetstoornissen ontwikkelen.” Er zijn met andere woorden ook valkuilen voor jonge sporters. “Motiverende coaches en ouders vervullen daarom een belangrijke rol, dat is de centrale stelling van het boek”, zegt Vansteenkiste, die er ook een aantal basisvoorwaarden aan toevoegt: “Technische kennis is er een van, want een coach die weet hoe zijn sport in elkaar zit, kan gerichte feedback geven. Je hebt ook motivationele inzichten en kennis nodig om jongeren mee te krijgen zodat er goesting ontstaat om duurzaam betrokken te zijn in de sport.”

Je hebt als coach motivationele inzichten en kennis nodig om jongeren mee te krijgen, zodat er goesting ontstaat om duurzaam betrokken te zijn in de sport

Maar wat doen motiverende coaches in de praktijk?

“Je moet als sporter ‘vitamines’ krijgen, psychologische voedingsstoffen die fundamenteel en universeel belangrijk zijn, anders betaal je daar een prijs voor: kinderen worden passief, stellen zich agressief op of zetten zich af …”

Het is, zegt Vansteenkiste, belangrijk als coach het volgende na te streven:

-autonomie (a): “Kinderen willen zelf aan het roer staan van hun ontwikkelingsproces, ze moeten het mogen zeggen als ze niet akkoord gaan of kwaad zijn.”
-verbondenheid (b): “Samenhorigheid in het team en de band met de coach.”
-competentie (c): “Vaardigheden ontwikkelen, want kinderen wìllen bijleren.”

“Hoe meer (a), (b) en (c), hoe beter sporters er bij varen. De motiverende coach is dus autonomie ondersteunend, relationeel ondersteunend en goed gestructureerd in zijn aanpak.”

De motiverende coach is dus autonomie ondersteunend, relationeel ondersteunend en goed gestructureerd in zijn aanpak

Het boek geeft achttien bouwstenen om als coach meer motiverend te werk te gaan tijdens de training, in wedstrijdverband en in een meer opvoedkundige en vormende rol: spelplezier voeden, inbreng stimuleren, betekenisvolle uitleg geven, het ontwikkelingsritme van sporters volgen, hun weerstand een stem geven, uitnodigend communiceren, duidelijkheid creëren, vertrouwen schenken en uitdagingen bieden, consequent opvolgen, passende hulp bieden, motiverende feedback geven, zelfinzicht stimuleren, je aanwezigheid is onmisbaar, je warm vriendelijk en toegankelijk opstellen, je voelsprieten uitsteken, steun bieden tijdens moeilijke momenten, samenhorigheid in je groep versterken, open en eerlijk communiceren.

Aan de hand van concrete voorbeelden, authentieke getuigenissen, oefeningen en door middel van checklists wordt uitgelegd wat je als coach kan doen om de plezierbeleving van je sporters aan te wakkeren.

“Motiverend coachen heeft als je het mij vraagt niets dan voordelen en je kan het dankzij dit boek ook leren. En dat is belangrijk, want goede coaches kunnen het verschil maken”, besloot minister Muyters.

(*) ‘Motiverend Coachen in de Sport’, Nathalie Aelterman , Gert-Jan De Muynck , Leen Haerens , Gert Vande Broek , Maarten Vansteenkiste, Uitg. Acco, 200 blz, ISBN: 9789462927179.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.