Pinokkio schrijft een boek

vrijdag 23/09

Zo doe je dat met kinderen die zwart-op-wit liegen. Die verdienen een straf. Dus trekt in januari 2013 een groepje Amerikanen naar de rechtbank. Jarenlang hebben ze onvoorwaardelijk geloofd in het verhaal dat Lance Armstrong in 2000 heeft geschreven en al die tijd als een ware geloofsbelijdenis heeft uitgedragen. Het verhaal van de man die in 1996 getroffen wordt door teelbalkanker, die door de vele uitzaaiingen slechts veertig procent kans op overleven heeft, maar die terugvecht, zo hard en met zo veel overtuiging dat hij drie jaar later op eigen kracht de zwaarste wielerwedstrijd ter wereld wint. Het boek leest als een sprookje. Te mooi om waar te zijn. En dat blijkt het ook te zijn. Als in het najaar van 2012 de waarheid over Armstrong aan het licht komt, leert de wereld dat de Tourwinnaar helemaal niet alleen op water en brood heeft gekoerst en dat hij een behoorlijk donker kantje heeft. Een icoon valt van zijn voetstuk. Wereldwijd stellen zijn fans zich grote vragen. Net als zijn lezers. Bijna dertien jaar na het verschijnen van ‘It’s not about the bike. My journey back to live’, stapt een aantal van hen in groep naar de rechter. Ze eisen vijf miljoen dollar van Armstrong en uitgeverij Penguin Putman. Wat verkocht werd als non-fictie blijkt fictie te zijn. Leugens. Wat ooit een van de meest gelauwerde en geloofde sportbiografieën was, is verworden tot leugenachtige pulp. 

Flashback naar het voorjaar van 2000. Lance Armstrong heeft een jaar eerder zijn eerste Tour de France gewonnen als hij op 22 mei in de Verenigde Staten zijn autobiografie voorstelt. Zijn verhaal is dan al genoegzaam bekend. Amper 28, maar zijn levensloop heeft alles wat je van de betere weekendfilm verwacht. Eenzame jongen uit een niet-wielerland gaat toch koersen, trekt naar Europa, wordt wereldkampioen, krijgt kanker, wordt door de wielerwereld verstoten, balanceert op leven en dood, overwint zijn kanker, keert terug naar het wielrennen en wint op eigen kracht de meest heroïsche en zwaarste wielerwedstrijd die er bestaat. Het prototype van an alltime American story dat schreeuwt om een boek. Wat Armstrong dan al een tijdje heeft begrepen. 

De rechten van Armstrongs memoires verwerf je niet zomaar. Daar moet voor betaald – liefst stevig.

Nog voordat hij de Tour heeft gewonnen, aldus onderzoeksjournalisten Albergotti en O’Conell in het in 2013 gepubliceerde ‘Wheelmen’ (in het Nederlands verschenen als ‘Raddraaiers’), bedenken Armstrong en zijn agent Bill Stapleton al hoe ze zijn triomf en levensloop te gelde kunnen maken met een dramatische vertaling op papier en witte doek. Tijdens de Tour van 2000 onderhandelt Stapleton met diverse uitgeverijen. Want de rechten van Armstrongs memoires verwerf je niet zomaar. Daar moet voor betaald – liefst stevig. Na de door Armstrong gewonnen proloog is er sprake van 300.000 dollar. Als de Amerikaan enkele dagen later een onoverbrugbare voorsprong heeft verzameld, is de prijs opgelopen tot 400.000 dollar. Uiteindelijk belanden de rechten na de Tour bij Penguin Putman.  Armstrong heeft met zijn comeback na kanker de wereld hoop gegeven, juicht de uitgever, en die inspirerende boodschap zal ook in het boek naar voor komen.

En of dat lukt. Als coauteur wordt de 40-jarige Sally Jenkins onder de arm genomen. Niet echt een luisterrijke naam – Armstrong kent ze niet of nauwelijks en haar journalistieke werk verschijnt voornamelijk in het weinig gerenommeerde tijdschrift Women’s Sports and Fitness. Het meest bekend is ze als dochter van Dan Jenkins, de legendarische reporter van Sports Illustrated die door Larry King als Amerikaanse sportjournalist van de (vorige) eeuw werd verkozen. Maar de samenwerking loont wel. Minder dan een jaar later ligt de autobiografie van Armstrong in de winkel. ‘It’s not about the bike. My journey back to live’, luidt de behoorlijk lange titel. Maar wel een titel die precies samenvat wat Penguin Putman voor ogen heeft. Niet zozeer een boek over wielrennen, wel over de strijd tegen kanker. Niet over de fiets, wel over overleven. Een boodschap zo krachtig dat de Nederlandstalige titel er haast bij verbleekt – ‘Door de pijngrens’ is hooguit een fijn doordenkertje. Maar wie maalt daarom?

De Amerikanen smullen van het nieuwste heldenverhaal, en met hen de rest van de wereld. In een mum van tijd wordt Armstrongs biografie een bestseller; elke nieuwe druk is in recordtijd uitverkocht; het boek wordt op de Angelsaksische markt verkozen tot beste sportboek van het jaar; uiteindelijk worden er wereldwijd ruim een miljoen stuks van verkocht. 

Voor honderdduizenden kankerpatiënten en hun omgeving groeit Armstrong uit tot een inspirerend voorbeeld. ‘Door de pijngrens’ wordt er een haast iconisch boek door. Hun bijbel.

Maar daarnaast maken Armstrong, coauteur Jenkins, agent Stapleton en de uitgeverij ook dat andere objectief waar. De manier waarop Armstrong met veel zin voor detail en drama beschrijft hoe hij het nieuws van zijn levensbedreigende ziekte verneemt, hoe hij door twijfel bevangen nadenkt over de dood, hoe hij wekenlang op zijn ziektebed ligt en uiteindelijk zijn strijd tegen kanker wint, laat geen sterveling onberoerd. Voor honderdduizenden kankerpatiënten en hun omgeving groeit Armstrong uit tot een inspirerend voorbeeld. ‘Door de pijngrens’ wordt er een haast iconisch boek door. Hun bijbel. Het zijn de jaren waarin elke persoonlijke getuigenis van een kankerpatiënt wel ergens een dankbare verwijzing bevat naar Armstrong en zijn biografie. 'Het verhaal is een belangrijke bron van hoop', zegt Hedwig Verhaegen in die dagen in Het Nieuwsblad. Verhaegen is hoofdredacteur van Leven, het tijdschrift van de Vlaamse Liga tegen Kanker. 'Vaak klinkt kanker als een doodvonnis, en hebben de patiënten nood aan iets waaraan ze zich kunnen optrekken. Dat Armstrong na zijn teelbalkanker opnieuw aan topsport deed én dan ook nog won, is zo'n verhaal.' Een van die enthousiastelingen is André Denys, de provinciegouverneur van Oost-Vlaanderen die in 2010 door longvlieskanker wordt getroffen. ‘Door de pijngrens was mijn bijbel’, verwoordt hij de mening van tal van lotgenoten. ‘Ik heb het verscheidene keren gelezen en het heeft me geïnspireerd om te vechten. Ik heb een grenzeloze bewondering voor de manier waarop Lance Armstrong de kanker overwonnen heeft.’

Armstrong is hot, net als zijn verhaal, net als Livestrong, de organisatie waarmee hij tegen kanker strijdt Zelfs de oprukkende geruchten als zou zijn jarenlange hegemonie niet alleen op doorzettingsvermogen gebaseerd zijn, kunnen het enthousiasme rond de ex-kanker-patiënt/topwielrennen niet drukken. En zoals dat gaat met succesverhalen, volgt er een sequel. In 2003 verschijnt ‘Every second counts’. In het Nederlands: ‘Elke seconde telt’. Weer zijn de boeken nauwelijks aan te slepen. Opnieuw is Sally Jenkins de coauteur.

Armstrong had de pijngrens verlegd, maar vooral had hij een andere grens verlegd, een ethische.

Tot het doek valt. De aanhoudende geruchtenstroom, het onderzoekswerk van de Britse journalist David Walsh en de publiekelijke aantijgingen van ex-renners en –ploegmaats als Tyler Hamilton en Floyd Landis, zijn de prelude. Maar de doodsteek is het vernietigende rapport van de Amerikaanse antidopinginstantie USADA in de herfst van 2012. Zoals Copernicus bijna 500 jaar eerder in een pietluttig, handgeschreven boekje stelde dat de aarde rond de zon draaide en hiermee de geschriften van al zijn voorgangers die het omgekeerde beweerden tot fictie herleidde, zo bleef er na het rapport van het USADA geen spaander heel van alles wat Armstrong in zijn twee boeken had geschreven. Ja, de gewezen kankerpatiënt had zevenmaal de Tour gewonnen, maar lang niet alleen op wilskracht. Armstrong had de pijngrens verlegd, maar vooral had hij een andere grens verlegd, een ethische.

Sindsdien is het Lance Armstrong niet te best vergaan. Niet op de fiets: zie zijn levenslange schorsing. Niet in het dagelijks leven: hij is bedolven onder de financiële claims. Niet in het maatschappelijke leven: zelfs zijn eigen Livestrong wil niets meer met hem te maken hebben. En niet als schrijver. Zijn twee boeken verdwijnen na alle dopingheisa snel in de rekken met afdankertjes. Voer voor de Slegte en rommelmarkten – vandaag voor 2 euro te koop op Tweedehands.be. Een derde boek komt er niet meer. Wel komen er excuses van Armstrong aan het adres van Sally Jenkins. Intussen een gerespecteerde journaliste bij The Washington Post mag ook zij zich beduveld voelen. Toch zou ze nooit afstand nemen van Armstrong. Integendeel: google ‘washintonpost’ en why-im-not-angry-at-lance-armstrong en u stoot op een merkwaardig pleidooi pro Armstrong. Dat hij niet anders deed dan alle andere renners, dat het nu eenmaal ingebakken zat in het wielrennen, dat hij ondanks alles de strijd tegen kanker toch aan centen en aandacht heeft geholpen, etcetera. Alle gemeenplaatsen op een rij. Jenkins neemt Armstrong weinig kwalijk en legt zich erbij neer dat Armstrong ook bij haar een loopje met de waarheid heeft genomen. Iets wat ook haar lezers van weleer node zullen moeten doen. Hoezeer ze stellen bedrogen te zijn met de aankoop van ‘Door de pijngrens’, een schadevergoeding voor fraude of misleiding komt er niet. Elk boek, aldus de rechtbank, valt onder de vrije meningsuiting. Ook als de schrijver Armstrong heet. Wie van Pinokkio een boek koopt, krijgt nu eenmaal leugens voorgeschoteld.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.