Rick de Leeuw

‘Het is om mijn levensstijl te kunnen volhouden dat ik sport.’

maandag 18/07

Onlangs verhuisde Rick de Leeuw – zanger, schrijver, producer, presentator - van het Nederlandse Amsterdam naar het Belgische Haspengouw. Behalve geografisch is dat ook op sportief vlak een grote stap. “Ik moet in Haspengouw mijn fietsroutes nog vinden, maar daar ga ik van de zomer veel plezier aan beleven. Ik verheug me op de Ardennen en op de streek van de Amstel Gold Race. Ik zal meer kunnen klimmen, want in Amsterdam was het vooral vlak. In de polders heb je weinig anders dan de strakke noorderwind.” Niet dat het hem van nature ligt, dat klimmen. “Absoluut niet. Ik ben te groot en struis gebouwd. Het laatste wat bij je opkomt als je mij ziet, is de kwalificatie ‘berggeit’. Desalniettemin vind ik het fijn om te klimmen en te dalen. Je kan mij geen groter plezier doen dan me een berg op te sturen. De Aubisque is mijn favoriete klim. Het eerste deel is behoorlijk zwaar als je via de Col de Soulor komt, de rit van die top naar de Aubisque is dan een prachtig dessert. Niet zo steil én betoverend mooi. Je rijdt langs de flanken en als je geluk hebt, kijk je boven op de vleugels van de roofvogels die beneden je zweven.”

De Ventoux fietste hij op voor Te Gek!?, een initiatief van de vzw Sint-Annendael in Diest dat psychische problemen bespreekbaar wil maken. “De Ventoux is een berg waar ik zeer goede herinneringen aan heb, omdat mijn vriendschap met Patrick van Te Gek!? daar is bekrachtigd door samen schouder aan schouder de top te bereiken.” Het thema dat Te Gek!? in 2013 over het voetlicht wilde brengen, was jongdementie. “Het is een indrukwekkende tocht van een week geweest die me blijvend heeft verbonden aan die thematiek. Sinds een jaar ben ik voorzitter van Het Ventiel, waarmee we buddywerking rond jongdementie organiseren. Dit jaar gaan we met een groep jongeren van Maastricht naar Frankfurt fietsen. We schrijven onderweg verhalen, liedjes, gedichten, impressies, we maken video’s. Dat alles moet resulteren in een projectenboek dat in oktober op de Buchmesse gepresenteerd wordt. De fiets is een mooi vehikel om allerhande projecten rond op te starten.”

"Het laatste wat bij je opkomt als je mij ziet, is de kwalificatie ‘berggeit’. Desalniettemin vind ik het fijn om te klimmen en te dalen"

Elk jaar probeert hij in april de Ronde van Vlaanderen voor liefhebbers te fietsen. “Dat zijn 250 kilometers die voor mij het begin van het wielerjaar markeren. Vorig jaar was de Ronde van Vlaanderen buitengewoon zwaar, omdat het stervenskoud was en hard regende bovendien. Ik bleek zo ongeveer de enige die naar het weerbericht had geluisterd: ’s ochtends zou er misschien een druppeltje regen vallen en daarna zou het mooi worden. Dus ik stond daar in korte broek en met korte handschoentjes. Op zulke dagen vervloek je de fiets en zou ik willlen dat ik schaken als hobby gekozen had. Nu ben ik zeer druk met verbouwingen, dus de fiets staat wat te verstoffen in de kelder. Maar onder normale omstandigheden probeer ik twee keer in de week te fietsen. Fysiek is het zeer prettig, maar ook mentaal is het een niet te onderschatten bijdrage aan mijn levensgeluk.”

Wanneer zijn liefde voor de fiets begon, weet hij zich nog exact te herinneren. “Dat was begin april 2010. De nacht na de overwinning van Fabian Cancellera in de Ronde van Vlaanderen zat ik in café Sportpaleis in Zingem. Ik zei ’s nachts tegen m’n vrienden: ‘en volgend jaar rijden wij hem ook!’ Het was een nogal drieste uitspraak, ingegeven door een behoorlijke hoeveelheid streekbier. De volgende dag heb ik mij een fiets gekocht. Ik had nog nooit op een koersfiets gereden, maar het jaar daarop heb ik met goed gevolg de volledige Ronde van Vlaanderen volbracht.”

"Fysiek is fietsen zeer prettig, maar ook mentaal is het een niet te onderschatten bijdrage aan mijn levensgeluk"

Tot dan was voetballen zijn sport. In zijn debuutroman ‘De laatste held’ schreef hij over zijn eigen voetbalcarrière. “Het is heel gemakkelijk om voetballer te worden. Je loopt door een park, er rolt een bal op je af en op het moment dat je die terugschopt, weet je al: ik ben een voetballer. Terwijl je veel meer barrières moet overwinnen voor je op een koersfiest zit. Het had een dronken nacht in Zingem nodig om mij op de fiets te krijgen. Er hangt een heroïek rond het wielrennen waardoor je op zo’n moment alles vervloekt - het is te steil, te glad, te lang, te modderig en alles schreeuwt: ‘Stop hier mee!’ - maar als je die aanvechting kan weerstaan en je komt de finish over, dan geeft dat een goed gevoel dat met weinig te vergelijken is. Het is overigens een loutering die ik in de rest van mijn leven zo ver mogelijk van me hou, want ik vind niet dat het leven heel zwaar moet zijn (grijnst).”

De vraag of hij leeft voor de sport, doet hem dan ook schaterlachen. “Totaal niet. Ik zie het meer als balans, ik leef er eerder tegen in dan er voor.Ik sport heel graag, maar ik zou het niet tot centrum van mijn wereld willen maken. Het is om mijn levensstijl vol te kunnen houden dat ik sport. Eerder dat, dan dat ik er alles voor opzij zet. In mijn jeugd had je sporters en je had voetballers. Op de sporters keken wij toch een beetje neer, want dat waren mensen die vroeg naar bed gingen en niet rookten of dronken. Maar een mens mag toch ook af en toe wat plezier in zijn leven hebben?”

"In mijn jeugd had je sporters en je had voetballers. Op de sporters keken wij toch een beetje neer, want dat waren mensen die vroeg naar bed gingen en niet rookten of dronken"

Behalve fietsen en voetballen liep De Leeuw ook al een marathon. In Berlijn. “Omdat ik een periode te weinig voetbalde, dacht ik: ik ga wat hardlopen om mijn conditie op peil te houden. Toen heb ik in een overmoedig door drank omgeven moment gezegd: laten we een marathon lopen. Ik heb de marathon van Berlijn gedaan, maar daar heb ik minder heroïsche herinneringen aan dan aan de Ronde van Vlaanderen. Ik denk wel dat ik de ‘runner’s high’ ten volle beleefd heb. Je wordt overmand door alle emoties tegelijk, wat ik niet vaak meemaak. Op een gegeven moment leek mijn lichaam de pijn te hebben uitgeschakeld. Ik zag mijn benen lopen, maar ik kon ze niet meer sturen. Het contact tussen mijn lichaam en geest was onderbroken. Ik was de hele tijd aan het lachen onderweg, herinner ik mij. En het was volledig zonder enige vorm van drank, drugs of doping, gewoon door de pijnstillende middelen die door je lichaam worden aangemaakt. Het was fantastisch! Maar ik denk niet dat ik het snel nog een keer ga doen (grijnst).”

Rick de Leeuw was afgelopen seizoen vaak te gast bij Play Sports om samen met een analist voetbalwedstrijden te becommentariëren. Daar begon zijn eerste liefde weer op te borrelen. “Ik merk dat ik daar veel plezier aan beleef én het plezier in het voetbal terugvond, dat was door het fietsen wat op de achtergrond verzeild geraakt. Maar de liefde is het afgelopen jaar weer opgelaaid. Ik kijk na de Tour de France weer uit naar de nieuwe voetbalcompetitie!”

 

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.