Supporter

maandag 05/10
Vrouwenvolleybal

Een passionele supporter is aan mij niet verloren gegaan. Het zich onvoorwaardelijk en voor het leven bekeren tot steun aan een club of een ploeg, het zich tooien in kleurrijke supportersgewaden, het zingen van opruiende gezangen tijdens sportwedstrijden of de parate kennis van elke schijnbeweging uit de voorgeschiedenis van een wedstrijd,… dit alles is me niet gegeven. 

Yellow Tigers©Photonews

Hoe graag ik me ook zou overgeven aan het intens beleven van een volledige voetbalwedstrijd, het lukt me zelden. Ik betrap mezelf erop dat ik het publiek langs de lijnen afspeur, de kleinste reclamepanelen bestudeer of een komisch randfiguur observeer op momenten dat ik geacht word hartstochtelijk en liefst met kennis van zaken te supporteren. Als ik me al eens laat verleiden tot een goedkeurende schreeuw of een ondersteunend gebaar is dat steeds op het fout gekozen tijdstip in het wedstrijdverloop. Echte supporters weten blijkbaar ook wanneer ze moeten zwijgen. Bovendien weet iedere gevormde supporter precies wanneer er met veel kabaal collectief moet rechtgeveerd worden of wanneer men wrokkig, kaken op elkaar, moet blijven zitten, zo merkte ik tot mijn schande. M’n vader nam me als kind mee naar tal van boeiende plekken, behalve naar een sportveld en veel supportersvriendjes had ik ook al niet. Tja dat komt ervan. 

"Alsof niet supporteren een schaamtelijk toonbeeld is van het alomtegenwoordige menselijke tekort! Geen supporter? Slechte burger!"

Nooit zou ik behoren tot een supporterslegioen en altijd zou ik de meewarige buitenstaander blijven met een stuitend tekort aan passie, inzicht, inlevingsvermogen, kennis, meningen en dorst die de ware supporter tekenen. Daar had ik me al bij neergelegd. Mateloos stoor ik me aan de overvloed aan supportersvoer dat de media, elke dag opnieuw, tijdens elk nieuwsbericht, via hun sociale trechter door onze strot rammen, alsof we vetgefokte ganzen zijn die het weldra tot ganzenleverpastei zullen schoppen. Het eindeloos uitgestorte geleuter over spelers, hun bazen, blazen, kansen en kwalen,… sorry maar ik verteer het niet. Alsof niet supporteren een schaamtelijk toonbeeld is van het alomtegenwoordige menselijke tekort. Geen supporter? Slechte burger! Ik hou van sport, vooral in de actieve zin. Maar supporteren volgens de passievolle regels van de kunst, neen, nooit. En dat heeft de sport ook aan zichzelf te danken. 

Naar behoren supporteren, deed ik dus niet. Tot voor kort. Cherchez la femme. Zes volleybalspelende dames en hun hofhouding hebben me in hun versmachtende greep. Ze gaan schuil onder de naam Yellow Tigers en ze vormen samen een nooit eerder vertoond nationaal volleyteam. Hun energieke spektakelspel, die hoogst aanstekelijke ploeggeest, die ‘cast’ van zes karakters van sportmadammen en een schitterende regie van de coach, ze doen, helemaal onverwacht, de supporter in mij opveren. Wat een sportieve uitstraling, die ploeg. Ik ga overstag, supporter en dompel me onder met alle uitspattingen die je van een supporter kan vrezen. Met hese stem kom ik thuis na een gewonnen wedstrijd. Wereldklasse die Tigers. Half dépri na een hopeloos verloren match de dag nadien. Verdere details bespaar ik u, lezer. Ik herken mezelf niet meer. Voor het eerst in mijn leven veerde ik onder luid collectief protest recht bij een naar mijn voorbarig oordeel foute beslissing van de scheidsrechter in het nadeel van ‘onze’ Yellow Tigers. Niet dat ik elke spelregel beheers. De man had het bij het rechte eind, natuurlijk. De wedstrijden, de fandag, de media... ze hebben me in een houdgreep. Gezworen had ik om me nooit tot twitter te verlagen. Maar ik kapseis en verkneukel me in het ‘Yellow Tiger’-getwitter. M’n supportersgeloof in gele tijgers verkondig ik met overgave aan ieder die het horen wil. Hoe zou je geen supporter kunnen zijn van dit unieke volleybalteam? Hoe kan een mens nu geen supporter zijn?              

 

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.