't Enige wat telt, is de kleur van 't geld

maandag 13/01

Is het een vooroordeel dat opspeelt, of grenst het aan de dagelijkse realiteit als ik mij voorstel dat president Trump moeite zou hebben om Parijs en Dakar op een wereldkaart aan te duiden? Zou hij bij benadering juist zitten, of begint het al bij het wijzen naar een plek op het verkeerde continent? U en ik, beste lezer, weten natuurlijk perfect waar Parijs en Dakar zich bevinden. Die eerste stad kennen we als onze broekzak, daar zijn we al vaak geweest. Hoofdstad van Frankrijk, Arc de Triomphe, Eiffeltoren, de Mona Lisa in het Louvre. Ah, Paris! En, ach, met een beetje moeite kunnen we Dakar wel ergens in West-Afrika situeren. Als we goed hebben opgelet in de aardrijkskundeles weten we nog wel dat Dakar de hoofdstad van Senegal is en het meest westelijke punt van Afrika.

De steden Parijs en Dakar werden in 1979 voor het eerst met elkaar verbonden door een rally. Dat leek de organisatoren wel aardig: twee continenten aandoen en ondertussen — laten we wel wezen — een centje verdienen aan rijkelijke sponsoring door Europese en Afrikaanse bedrijven. Later kwamen daar ook tv-rechten bij. Dat het sportieve gebeuren intussen disruptief werkte voor de lokale bevolking, och ja, wie maalt er nu om de arme zwarte medemens ergens in een onooglijk dorpje waar één keer per jaar een rally voorbij stuift die letterlijk heel wat stof doet opwaaien. Dat stof gaat wel weer liggen.

De dood rijdt mee

De fans zullen het niet willen horen, maar de Dakar-rally is in de loop van de voorbije veertig jaar een pastiche geworden. Eerst reed die nog van Parijs naar Dakar, zoals de naam het zegt. Maar in de jaren negentig werd er van dat geijkte parcours afgeweken. Zo werd er eens van Parijs naar Dakar en terug geracet (1994). Of werd er vertrokken in Granada, Clermont-Ferrand of Lissabon. Of lag de aankomstplaats in Kaapstad, Caïro of Sharm-el-Sheikh. In 2008 werd de rally afgelast vanwege terreurdreiging door Al Qaida. Het jaar nadien werden Parijs en Dakar helemaal begraven als locatie en verhuisde het hele zootje officieel om veiligheidsredenen naar Zuid-Amerika. Wat 'Dakar' bleef heten, werd eigenlijk Buenos Aires-Buenos Aires. Of Lima-Santiago. En Lima-Córdoba. Als er maar geld opgehoest werd.

Die meer dan 70 doden in de Dakargeschiedenis zullen de Saoedi's niet afgeschrikt hebben. Laten we zeggen dat de waarde van een mensenleven er anders wordt ingeschat dan bij ons

Dit jaar ligt 'Dakar' in het woestijnzand nabij Djedda, Saoedi-Arabië. Omdat ze in Zuid-Amerika niet meer zo warmliepen voor het luidruchtige gedoe, maar ook omdat het Saoedische regime met geld smeet én goodwill wil kopen van het westen. Er wordt daar al eens een tegenstander van het regime gemarteld of gedood, of een vrouw als minderwaardig wezen behandeld. En die meer dan zeventig doden in de Paris-Dakargeschiedenis — bij benadering, want cijfers over toeschouwers die een passage van de snelle wagens niet overleefden zijn wellicht niet honderd procent accuraat — zullen de Saoedi's ook niet afgeschrikt hebben. Laten we zeggen dat de waarde van een mensenleven er anders wordt ingeschat dan bij ons. Voor de volledigheid: er stierven tot nog toe 28 deelnemers, de anderen waren toeschouwers, toevallige voorbijgangers of de vijf mensen aan boord van de helikopter die op 14 januari 1986 onder anderen organisator Thierry Sabine en de Franse zanger Daniel Balavoine transporteerde. Dakar en dood worden in één adem genoemd, alsof het erbij hoort. Zoals dat ooit in de Formule 1 als een noodzakelijk kwaad werd gezien.

De 'Dakar' — zoals de vrienden hem noemen — is a fortiori een voorbeeld van een evenement dat nog weinig met pure sport te maken heeft. Sensatie prevaleert boven prestatie

Sensatie boven prestatie

Voor u denkt 'Die man heeft iets tegen rally': dat is niet zo. Of toch niet per se. Ik ben geen fan van wat je pejoratief 'vroemvroem'-sporten zou kunnen noemen. Voormalige langeafstandsloper Vincent Rousseau noemde gemotoriseerde sporten in een interview ooit 'pollutie'. Dat leverde een fijne oneliner op — en strikt ecologisch bekeken had hij natuurlijk een punt —, maar zo ver zou ik niet willen gaan.

Alleen houdt het voor mij op wanneer de sport ondergeschikt wordt aan de commercie. En dat is in gemotoriseerde sporten vaker het geval dan in andere, met uitzondering van voetbal, waar excessief financieel gedrag eerder regel dan uitzondering is geworden. De 'Dakar' — zoals de vrienden hem noemen — is a fortiori een voorbeeld van een evenement dat nog weinig met pure sport te maken heeft. Sensatie prevaleert boven prestatie. Gelukkig schenkt de reguliere sportpers steeds minder aandacht aan het gebeuren. (Dat komt ook omdat wij hier in Vlaanderen blijkbaar maar twee sporten kennen, maar in dit geval is dat meegenomen...)

Zo komt het dat de resultaten van de Dakar ons nauwelijks bereiken. Dat zou veranderen als er straks weer eentje tegen een boom rijdt, voeg ik er even cynisch aan toe. Vier jaar geleden schreef ik er nog dit over op deze plek: 'Ze zouden dit gebeuren beter de "Deathcar" noemen. Afvoeren, die handel!'

 

Rijke Arabieren

Waarom zwijgt u dat non-event dan niet dood, zult u misschien opwerpen. U zou een stevig punt hebben, ware het niet dat het Dakar-circus is neergestreken in Saoedi-Arabië. Een land dat mee aan de basis ligt van het internationale terrorisme, dat extreem vrouwonvriendelijk is en — ondanks enkele recente toegevingen — blijft, en dat het niet nauw neemt met de mensenrechten. Er wordt al eens een kritische journalist in duistere omstandigheden geliquideerd, waarop we in het westen op strenge toon diplomatische vragen stellen en vervolgens weer wegkijken, zoals we dat steeds doen bij de strapatsen van de bewindvoerders van deze belangrijke olieleverancier. Voorzichtig blijven, want we willen hen te vriend houden...

Onlangs werd in een buitenwijk van de Saoedische hoofdstad Riyad de 'Clash on the Dunes' georganiseerd, een titelkamp in het boksen. Net als hun voetbalcollega's kijken de boksbobo's altijd toevallig de andere kant op als er dingen gebeuren die we in de eigen samenleving nooit zouden tolereren. Tijdens het gevecht tussen de zwaargewichten Joshua en Ruiz werden er voor een keer geen schaars geklede ringmeisjes toegelaten op het canvas. Geen emancipatorische maatregel, o neen, maar een toegeving aan strenge islamitische voorschriften. Vijftienduizend Saoedische mannen (!) op de tribunes zouden weleens vieze gedachten kunnen krijgen!

Binnenkort is er een Formule 1-prijs ter meerdere eer en glorie van de sjeiks. Daarvoor moesten de pitspoezen proactief wijken. Nóg straffer: afgelopen dagen werd de Spaanse Supercup afgewerkt in Saoedi-Arabië. Spanje - Saoedi-Arabië. Misschien moeten we niet zo lachen met Trumps aardrijkskundig falen, als sportbonzen hun dictatoriale neigingen koppelen aan financieel gewin, en Spanje plots in Saoedi-Arabië te situeren valt. U weet hoe dat gaat: macht corrumpeert en absolute macht corrumpeert absoluut. En uiteindelijk worden beide landsnamen met een S vooraan geschreven, niet?

Qatar en Saoedi-Arabië voeren een prestigegevecht om dé sportnatie van de 21ste eeuw te worden. Wij kijken erop toe alsof het normaal is dat twee landen zonder noemenswaardige sportreputatie belangrijke evenementen kapen

Over ruim twee en een half jaar wordt er gevoetbald in de zandbak van Qatar. Dat daar geregeld een illegale arbeider van een stelling valt, sijpelt nauwelijks door tot bij ons en als het dan toch eens gebeurt, reageren we heel eventjes verontwaardigd, waarna we overschakelen op 'business as usual'-modus. Qatar en Saoedi-Arabië voeren nu een prestigegevecht om dé sportnatie van de eenentwintigste eeuw te mogen worden. Wij kijken erop toe alsof het normaal is dat twee landen zonder noemenswaardige sportreputatie belangrijke evenementen kapen, of dat ze zich inkopen in het westen. Rijke Arabieren nemen armlastige voetbalclubs over (Manchester City, PSG) en proberen zo ook de populairste sport van West-Europa naar hun hand te zetten. We staan erbij en we kijken ernaar (en we blijven ernaar kijken, geef ik ook voor mezelf grif toe).

Morele bedenkingen zijn van geen tel in de topsport. Het enige wat nog telt, is de kleur van het geld. Daar kan je al een tijdje heel veel mee kopen. Niet verbaasd zijn als ook de uitslag van de sportwedstrijden binnenkort op vraag van de sjeik of de emir gemanipuleerd wordt. Zij hebben ook zo hun favorietjes.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.