Topsport is niet gezond...

Bart Wellens heeft nog nooit zoveel afgezien als na zijn carrière

dinsdag 10/11
Bart Wellens

Ik hou niet van veldrijden. ‘Strontrijden’ noemt Mart Smeets deze oer-Vlaamse sport. Vaak bij Smeets vallen waarheid en hautaine spot samen in één zin. Ik durf al eens wat milder zijn en zie er wel de voordelen van in, van dat veldrijden. Het vormt, bijvoorbeeld, een uitstekend achtergrondtelevisiekader voor een zondagnamiddagdut met de hond op schoot.

Maar laat over één ding geen misverstand bestaan. Namelijk dat veldrijden wel degelijk topsport is. Een uur lang constant met hart, longen en spieren in het rood, daar bestaan veel synoniemen voor, genre ‘beulenwerk’. Smeets mag dat, wat mij betreft, strontrijden noemen. Op voorwaarde dat hij strontrijden als topsport beschouwt.

 

Bart Wellens©Isosport

Laatst mocht ik Bart Wellens interviewen. Bart is één van de gezichten achter de ‘Mon Ventoux’-campagne van Sporta. Ik heb Wellens altijd gemogen. Twee keer wereldkampioen, toch altijd de vrolijke jongen uit Vorselaar gebleven. In de boekskes had ik gelezen dat Bart een nieuw lief had (moeder Wiske: “ ’t Is een goede!”) en dat hij was bijgekomen na zijn laatste cross, in maart van dit jaar.

Zes maanden zonder topsport, wat dat allemaal met een lichaam kan doen, is onwaarschijnlijk

Het bleef toch verschietachtig om Wellens live te zien. Zes maanden zonder topsport, wat dat allemaal met een lichaam kan doen, is onwaarschijnlijk. Na 15 jaar geobsedeerd zijn frêle lijf pijn te hebben gedaan om den brode, was Bart gewoon beginnen leven als de meesten van ons. Bourgondisch, want dat zit in onze culturele genen. 15 kilo was erbij in een half jaar. Vijftien. 

Ik begin mijn interviews meestal met een sublieme openingsvraag, namelijk: “En hoe is ‘t?”. “Rond en gezond”, antwoordde olijke Bart. Ik vond dat geweldig sympathiek. Bart Wellens is uit dat microcosmosje van topsport waarin hij vijftien jaar gevangen zat, ontsnapt en is gewoon ‘one of the boys’ geworden.  

Hoera en bravo? Niet echt, helaas. Want, met dat ‘rond en gezond’ had Bart Wellens de waarheid wat geweld aangedaan. Enfin, toch met dat ‘gezond’. Bart Wellens is niet gezond. Bart Wellens leeft met een hernia van hier tot in Alaska. Bart Wellens heeft nog nooit zoveel afgezien als … na zijn carrière. En nee, dat heeft niets met een zwart gat te maken, gewoon met vreselijke rugpijn.

“Rugpijnen, hernia’s, het zit bij ons in de familie”, zei Bart. En eigenlijk had Bart Wellens al in een vorig leven geopereerd moeten worden voor die rugproblemen. Maar dat kon niet. Ah nee, want Bart Wellens, dat was wereldtop in ’t veldrijden, en de topsport moest nu eenmaal voorgaan. 

Bart Wellens was die jongen waar we met zijn allen zo fier op waren, maar niemand voelde zijn pijn, niemand zag de hoeveelheid pijnstillers die hij achter de kiezen moest slaan om te kunnen doen waarin hij zo uitblonk.

De adoratie door het publiek is voorbij. Er zijn alweer andere helden. De roes is voorbij, de rugproblemen en de pijn zijn groter dan ooit.

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.