Waarom de Rode Duivels zo succesvol (kunnen) zijn

maandag 13/06

Vanavond starten de Rode Duivels hun EK-campagne als een van de schaduwfavorieten. Het Belgische nationale voetbalelftal wordt niet direct als eindwinnaar gezien; daarvoor zijn Duitsland, Spanje en gastland Frankrijk allicht te sterk. Desalniettemin is een plaats in de kwartfinales een must en zou een halvefinaleticket geen echte verrassing zijn. Vergeet niet dat België twee maanden geleden nog eerste stond op de FIFA/Coca-Cola World Ranking en dat de huidige tweede stek, achter Argentinië, nog altijd inhoudt dat de Rode Duivels volgens de niet al te rechtlijnige beoordeling van de wereldvoetbalbond het hoogst gekwalificeerde Europese land zijn, twee plaatsen vóór Duitsland, drie voor Spanje, zes voor Portugal.

Nooit eerder werd België zo hoog ingeschat op de wereldranglijst. Sinds de invoering van die lijst in 1993 bereikten de Rode Duivels gemiddeld een 32ste plaats. Dieptepunt was juni 2007, toen België pas 71ste stond. Dat is amper negen jaar, of één voetbalgeneratie, geleden. Vincent Kompany was er toen al bij, Eden Hazard, Kevin De Bruyne en Thibaut Courtois nog niet. Nooit eerder waren de Rode Duivels zo populair in eigen land. Of het nu een thuiswedstrijd tegen een topland of San Marino betreft: het stadion is in enkele minuten tijd uitverkocht. De Rode Duivels zijn een hype, een succesvol marketingproduct: er moet vandaag geoogst worden.

Mooie geschiedenis

Voor een land van nauwelijks elf miljoen inwoners heeft België het al bij al niet slecht gedaan in de voetbalgeschiedenis. Ons land won het olympisch voetbaltoernooi in 1920 (in Antwerpen) en was erbij op 12 van de 20 WK's. Dat is opmerkelijk. Alleen de toplanden doen beter. Ter vergelijking: Spanje speelde 15 WK's, Frankrijk en Engeland 14. Op EK's waren de Rode Duivels minder aanwezig. Slechts vier keer (op 14) en dan was dat in 2000 nog alleen maar omdat we samen met Nederland het toernooi organiseerden.

Hoewel in het collectieve geheugen de vierde plaats op de Mundial in Mexico in 1986, na een halve finale tegen het Argentinië van Diego Maradona, het meest is blijven hangen, was de beste Belgische prestatie ooit de finale van het EK in 1980. In Italië verloren de Rode Duivels slechts op het nippertje van het machtige (West-)Duitsland. Over dat EK, en vooral de wisselvallige aanloop ernaartoe, schreven Geert De Vriese en ikzelf zopas het boek 'De grote Duivels'. Het is het verhaal van losers die bijna winners worden.

In tegenstelling tot 1986 - waar de Belgen belabberd speelden in de eerste ronde en de eerste helft van de achtste finales tegen de Sovjet-Unie compleet werden weggespeeld (en toch wonnen na verlengingen) - speelden de Rode Duivels in 1980 een goed toernooi, waaraan toen nog slechts acht landen deelnamen. Het was in die periode nog een hele prestatie om je te kwalificeren, want alleen de groepswinnaars mochten naar de eindronde. Vandaag is dat anders, met 24 deelnemers. Nu moet je al je best doen om er niet bij te zijn.

Geluk en toeval

Hoe moeten we de huidige hoge ranking van de Rode Duivels verklaren? Voor grote voetballanden als Duitsland, Brazilië, Spanje, Argentinië, Engeland en Frankrijk klinkt het logisch: veel inwoners, een grote voetbalcultuur, dus is het maar normaal dat het land er op de meeste toernooien bij is én een belangrijke rol speelt. Voor België geldt dat niet. Elf miljoen inwoners is weinig, de Belgische voetbalcompetitie stelt Europees niets meer voor, de jeugdopleidingen zijn weliswaar iets verbeterd maar hinken internationaal nog altijd achterop, we hebben - in tegenstelling tot bijvoorbeeld onze noorderburen - geen veroveraarsmentaliteit. Niet verliezen is hier nog altijd belangrijker dan willen winnen. We zijn eeuwige underdogs.

Een eerste verklaring is een combinatie van geluk en toeval. Het geluk dat Thibaut Courtois, Vincent Kompany, Kevin De Bruyne en Eden Hazard een Belgisch paspoort hebben. Het toeval dat ze tot dezelfde generatie behoren. Het geluk dat ze voldoende talent en doorzettingsvermogen hadden om het te maken in de harde voetbalwereld, net zoals het uitzonderlijk was dat België in het eerste decennium van deze eeuw twee vrouwelijke tennissers had die tot de absolute wereldtop behoorden. Maar met geluk en toeval verklaar je niet alleen de goede prestaties van de voorbije vier jaar.

Een eerste verklaring is een combinatie van geluk en toeval. Het geluk dat Thibaut Courtois, Vincent Kompany, Kevin De Bruyne en Eden Hazard een Belgisch paspoort hebben. Het toeval dat ze tot dezelfde generatie behoren.

Tweede factor die heeft bijgedragen tot het succes - al moet er, behalve die symbolische eerste plaats op de FIFA ranking, nog altijd op belangrijke momenten in grote toernooien gewonnen worden tegen grotere tegenstanders! - is de uitbouw van deze gouden generatie. De kiemen werden gezaaid op het olympisch toernooi van 2008, in Beijing, waar België de halve finales haalde en uiteindelijk net naast een medaille greep. Alhoewel we ook dat weer moeten relativeren. Van de spelers die toen op het veld stonden, zullen alleen Kompany, Vermaelen, Vertonghen, Fellaini en Dembele erbij zijn op Euro 2016, en Kompany en Fellaini speelden toen amper één van de zes wedstrijden. Maar het is onmiskenbaar zo dat getalenteerde jongens veel meer dan in het verleden hun kans kregen bij de Rode Duivels.

De kiemen werden gezaaid op het olympisch toernooi van 2008, in Beijing, waar België de halve finales haalde en uiteindelijk net naast een medaille greep

Dankuwel, Jean-Marc Bosman

Komen we bij een derde en op het eerste gezicht ietwat vreemde verklaring: het Bosman-arrest van december 1995. Door die juridische verordening van het Europese Hof werd de voetbalwereld door elkaar geschud: spelers bleven na afloop van hun contract geen eigendom meer van hun clubs, de limiet op buitenlandse spelers werd opgeheven, er kwamen meer transfers. Maar vooral: jonge talenten werden veel vroeger weggeplukt bij hun clubs van oorsprong. Daardoor hoefden die niet tot hun achttiende in slechte omstandigheden, met ondermaatse, weinig gemotiveerde trainers, op abominabele velden, zonder professionele omkadering te blijven voetballen. Ze gingen naar het buitenland, waar ze wel goed werden opgevangen en zich konden meten met andere beloftevolle voetballers.

Het Bosman-arrest was een gerechtvaardigde uitkomst van een jarenlang juridisch dispuut, maar heeft er uiteindelijk ook voor gezorgd dat voetbal meer dan ooit business is, dat er onwaarschijnlijk veel geld omgaat op de transfermarkt, dat rijke Russen of Arabieren plots zwaar wilden investeren in Europese clubs, en dat supporters van kleinere clubs en kleinere competities, zoals de Belgische, elk seizoen opnieuw moeten wennen aan een resem nieuwe gezichten, terwijl het algemene niveau achteruit blijft gaan. Contradictorisch genoeg is dat tegelijkertijd heel slecht voor de Jupiler Pro League en heel goed voor de nationale ploeg.

Van de drieëntwintig geselecteerden voor Euro 2016 speelden er maar liefst tien geen enkele seconde in onze eerste klasse. Ze werden heel jong gehaald door buitenlandse teams - meestal uit Nederland en Frankrijk -, genoten hun hele opleiding bij gerenommeerde teams en stootten door in de Eredivisie, de Ligue 1, de Serie A of de Scottish Premier League. Van die tien zullen er zonder tegenslag zes - meer dan de helft, dus - aan de start staan van de eerste wedstrijd tegen Italië: de verdedigers Alderweireld, Denayer en Vertonghen, de verdedigende middenvelder Nainggolan en de aanvallende middenvelders Carrasco en Hazard.

Contradictorisch genoeg is het Bosman-arrest tegelijkertijd heel slecht voor de Jupiler Pro League en heel goed voor de nationale ploeg

In 1986 kwamen 20 van de 22 spelers nog uit in de vaderlandse competitie, alleen Jean-Marie Pfaff (Bayern München) en Eric Gerets (PSV Eindhoven) waren 'buitenlanders'. Anderlecht was destijds hofleverancier met zeven internationals. Vandaag zie je geen enkele speler uit de basiself wekelijks aan het werk in de Jupiler Pro League. In de selectie die vandaag in Frankrijk vertoeft, zitten er slechts drie spelers uit de eigen competitie en dan nog maar om de bank op te warmen. Dat is nefast voor de kwaliteit van het Belgisch clubvoetbal, maar fantastisch voor de nationale ploeg, want de Rode Duivels meten zich elke week opnieuw met de betere spelers van de wereld. Anderlecht, de succesrijkste club uit de Belgische voetbalgeschiedenis, telt geen enkele Rode Duivel meer. Club Brugge, zopas gekroond tot kampioen van België, telt er na de onfortuinlijke blessure van Björn Engels nog slechts één.

Triomf van het multiculturalisme

De vierde factor is misschien nog de allerbelangrijkste: de 'gekleurde' samenleving van de spelerskern. Geen beter voorbeeld van de positieve gevolgen van een multiculturele samenleving dan onze nationale voetbaltrots. In de kern van 22 die in 1986 meegingen naar de zo succesvolle Mundial in Mexico zat welgeteld één tot Belg genaturaliseerde speler: Enzo Scifo, van origine Italiaan. De volledige kern was blank. Vandaag is de selectie een veel betere afspiegeling van onze samenleving en rekenen we op voetballers die hun roots hebben in België, Congo, Marokko, enzovoort. Vincent Kompany is het grootste symbool van deze generatie, al zal de verdediger van Congolese origine door een zoveelste blessure ontbreken op Euro 2016. Zullen er wel bij zijn: zes 'Congolezen' (Batshuayi, Benteke, Denayer, Kabasele, Jordan en Romelu Lukaku), een 'Marokkaan' (Fellaini), een 'Martinikaan' (Witsel), een 'Malinees' (Dembele), een 'Indonesiër' (Nainggolan), een 'Portugese Spanjaard' (Ferreira Carrasco), een 'Keniaan' (Origi) en elf 'volbloed' Belgen.

Het Franse nationale voetbalelftal dat triomfeerde op het WK '98 en Euro 2000 werd aangevoerd door de 'Algerijn' Zinédine Zidane, de 'Ghanees' Marcel Desailly, de 'Senegalees' Patrick Vieira en de 'Antilianen' Lilian Thuram en Thierry Henry. De Mannschaft die twee jaar geleden wereldkampioen werd kon rekenen op de 'Ghanees' Jérôme Boateng, de 'Turk' Mesut Özil, de 'Tunesiër' Sami Khedira en de 'Polen' Miroslav Klose en Lukas Podolski.

In tegenstelling tot extremistische nationalisten die tegen beter weten in bloed en bodem blijven eren, ligt de gewone voetbalfan niet wakker van die mengelmoes op het veld. Zo lang 'ze' maar winnen. Zo lang 'ze' maar hun shirt nat maken voor hun professionele vaderland, ook al zijn ze hier niet geboren of hebben ze een andere huidskleur. Zo lang 'ze' ons maar trots maken.

Voor deze generatie Rode Duivels is Euro 2016 een belangrijk toernooi, waarin goed gepresteerd moet worden, al is het hoofddoel het WK over twee jaar. Dan moeten Courtois, De Bruyne en Hazard helemaal volgroeid zijn, kan Kompany hopelijk nog één keer mee op het allerhoogste niveau en zal het jarenlange actief zijn in de beste voetbalcompetities van Europa vruchten moeten afwerpen.

Geen beter voorbeeld van de positieve gevolgen van een multiculturele samenleving dan onze nationale voetbaltrots

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.