Wereldrecordhouder Marino Vanhoenacker op de vooravond van de Iran Man in Hawaï

donderdag 06/10

Marino Vanhoenacker zal zaterdagavond vanuit zijn luie zetel toekijken hoe collega’s Frederik Van Lierde, Bart Aernouts, Tine Deckers en Alexandra Tondeur en nog 38 andere Belgen langs de Kona Coast de strijd tegen snijdende "ho'omumuku" zijwind van 70 km per uur, temperaturen van 30 plus, een verzengende zon en zo’n tweeduizend tegenstanders zullen aangaan.

Marino Vanhoecker is profsporter, internationaal toptriatleet en sinds zijn zege in het Amerikaanse Chattanooga begin september alleen wereldrecordhouder met 15 Iron Man-titels …  De West-Vlaming werd begin juli 2011 ook al de ‘snelste triatleet’ ooit. Hij klokte op de Ironman in het Oostenrijkse Klagenfurt af na 7:45.58.  

Marino Vanhoenacker is van beroep feitelijk al dertien jaar… beroepsmilitair, korporaal. “Ik heb als rekruut acht weken basisopleiding gevolgd. Leren omgaan met een geweer, kaartlezen, een paar droppings, een kamp… Dat was het wat mijn échte ‘legerervaring’ betreft. Sindsdien zijn mijn militaire activiteiten heel beperkt: twee keer per jaar moet ik naar Brussel voor een evaluatie en af en toe moet ik van mijn oversten nog eens opdraven voor een acte de présence, viering of mediaverplichting. Maar verder kan of mag ik me maximaal op mijn triatlon toeleggen en er zoveel mogelijk proberen uit te halen. Een ideaal statuut voor mij.”

Eind juni dit jaar zegevierde Vanhoenacker voor de achtste keer in de Ironman van Klagenfurt, Oostenrijk. Eind augustus was hij de beste in de halve Ironman in Zell-am-See bij Kaprun, ook Oostenrijk. En begin september finishte hij dus als eerste in het Amerikaanse Chattanooga.

“Ik heb zelfs mezelf verrast. Ik heb tussen 2012 tot eind 2014 drie grote blessures gehad. Eerst een stressfractuur en oedeem op het schaambeen, dan een gebroken sacrum (of heiligbeen) en ten slotte een stressfractuur in mijn bekken. Driemaal in de belangrijke heupregio. Ik zag mijn triatlontoekomst toen somber in en dacht niet dat ik nog zou terugkeren. Je mag in het hoofd wel gefocust en ambitieus blijven, maar als het lichaam tegenpruttelt… Tussen die blessures in ben ik telkens kunnen terugkomen en een Iron Man winnen (oa. in Duitsland, Luxemburg, Oostenrijk en Canada). Maar na zo’n gloriemoment sukkelde ik al snel naar een volgende blessure. Daarom had ik niet durven dromen dat het ooit nog zo vlot zou lopen als nu. Misschien is het omdat ik de laatste jaren veel rustiger en geduldiger ben geworden.”

Mijn aanpak? Op jaarbasis: 20.000 km fietsen, 1.000 km zwemmen en 2.800 km lopen.

Bij Van Gils zei je: ‘Misschien moet je evolueren met je tijd, maar mijn aanpak rendeert.’ Wat is die aanpak?

“Mijn omgeving zegt al vijftien jaar dat ik te veel en te hard train. En dat ik blessures riskeer. Maar wat blijkt? Ik heb pas op mijn 38ste mijn eerste echte kwetsuur gehad. En ook nu op mijn 40ste valt het op vlak van slijtage best mee. En mijn aanpak concreet? Op jaarbasis is en was dat een goede 20.000 km fietsen (half de wereldbol rond dus, ml). Zwemmen 1.000km. En in het lopen haal ik dit jaar zo’n 2800 km. Ik heb al duizenden keren van mensen moeten horen hoeveel ik voor mijn sport moet doen en laten. Maar ik zie dat anders. Naast die volumekilometers, heb ik een absolute focus. Lichaamsverzorging, veel en hard trainen,… Ik ben sowieso al een mens die niet veel buiten komt. Ik zit na een training liefst thuis, in de zetel, of doe ik recuperatie-oefeningen. Ik zou me pas echt slecht voelen als ik enkele dagen trainingen oversla.”

En jouw familiaal en sociaal leven? Je hebt een vriendin, een dochter van 13…

“Ik leef vooral binnen de triatlonwereld. Ik ben gemiddeld zes maanden per jaar van huis weg. En ik moet toegeven: als ik zware trainingsweken heb gepland, wil ik gewoon niemand ontmoeten. Ik zie mijn vriendin en dochter heel veel in de schaarse weken dat ik thuis ben. Meer dan gezinnen die een nine-to-five-job hebben. Quality time. En als ik weg ben, bestaat er nog zoiets als skype of facetime, videofilosofie.”

Ik ben gemiddeld zes maanden per jaar van huis weg. En ik moet toegeven: als ik zware trainingsweken heb gepland, wil ik gewoon niemand ontmoeten.

Even terug naar Hawaï. Marino Vanhoenacker heeft dus twaalf keer deelgenomen aan het legendarische Ironman Wereldkampioenschap. Een eerste keer in 2002: niet aangekomen. Beste resultaten daar in het exotische Kailua-Kona: zesde in 2006, vijfde in 2007 en brons in 2010. Twee jaar terug stierf de Jabbekenaar in de afsluitende marathon in Hawaï de spreekwoordelijke duizend doden en finishte na een lijdensweg 31ste in de moeder aller Iron Man-kampioenschappen. “Mijn grote droom is voorbij. Ik heb te veel en te lang in deze race geïnvesteerd en ik wil dat mezelf en mijn familie niet langer aan doen. Ik ben leeg…”, schreef hij toen op zijn facebook. Vorig jaar beet de microbe echter opnieuw, maar het werd een nieuwe afknapper: tijdens het lopen gaf hij 'leeg en gekookt' op. De Jabbekenaar zal dus nooit realiseren wat zijn ex-coach en streekgenoot Luc Van Lierde zelfs tweemaal presteerde: goud in Hawaï (1996 en 1999)...

“Een mens, ook een topsporter, moet realistisch blijven. Ik heb het nu al zo dikwijls geprobeerd. Ik was er één keer heel dichtbij en zelfs even virtueel winnaar. In 2012 (het jaar waarin Frederik Van Lierde derde werd,ml) lag ik na het fietsen 8 minuten en 30 seconden solo voorop, maar tijdens de switch van het zwemmen naar het fietsen was mijn ‘derailleur’ na een onvoorzichtige zwieper van een andere deelnemer (ex-winnaar Chris  McCormack, ml) scheef geplooid. Door deze botsing in de wisselzone kon ik op het groot mes enkel nog mijn 4 kleinste tandwieltjes achteraan pakken, de 11-12-13-14. Op de kleine plaat vooraan, was het quasi onmogelijk om nog een versnelling te pakken. Er zat dus niets anders op dan puur op kracht te rijden. Zeker bergop en met zware tegenwind heeft dat ongetwijfeld onnodige krachten gekost. Ik herinner me dat de zon keihard brandde in Hawaï. Desondanks kwam ik tijdens mijn marathon vroeger dan verwacht aan de bevoorrading. En die ene ravitailleringspost was zowaar nog niet klaar. Geen ‘broodnodig’ water, cola, energiedrank, bananen, ijs, powerbars en -gels dus. Het gevolg laat zich raden: hoofdpijn, buikspieren in kramp, pijn in het middenrif… Mijn superkans op winst eindigde in de ziekenwagen waar ik 45 minuten aan de zuurstofpomp werd gelegd.”

Mijn superkans op winst in Hawaï eindigde in de ziekenwagen, waar ik 45 minuten aan de zuurstofpomp werd gelegd.

Geen Hawaï meer (voorlopig?) voor Marino Vanhoenacker. Hij zou wel heel graag nog eens de Iron Man van Nieuw-Zeeland winnen en er in Taupo een openstaande rekening vereffenen, begin maart 2017. Bij winst zou hij ook de enige triatleet ter wereld worden die op alle continenten een Iron Man heeft gewonnen. “Na mijn studies ben ik voor 3,5 maanden naar dat prachtland getrokken om er in zomerse omstandigheden de koude Belgische winter te overbruggen. Nieuw-Zeeland is één van de mooiste en meest groene ‘nabuurlanden ter wereld. Ik heb er enkele Iron Mans afgewerkt. In 2012 zelfs gewonnen. Alhoewel… De race in Taupo stond op zaterdag gepland, maar werd door hevig stormweer naar de zondag verschoven en qua afstand gehalveerd. De Internationale Triatlonfederatie heeft die zege als een volwaardige titel gehomologeerd. Ik niet, ik heb die overwinning niet eens in mijn palmares ingevuld, omdat het maar een halve triatlon van amper 4 uur was. Ik denk dat Taupo mijn eerste triatlon van 2017 wordt.”

En verder? “Mijn contract bij het leger en bij mijn sponsor (Pewag, industriele kettingen en sneeuwkettingen) loopt nog twee jaar. Op mijn leeftijd heeft het dus weinig zin om op lange termijn te plannen. Vanaf nu zal ik na elke Iron Man evalueren en zien wat er nog kan en mag. Ik denk dat ik na Nieuw-Zeeland Lanzarote doe, een zware windklassieker in een golvend Canarisch vulkaanlandschap. Misschien schakel ik daarna stilaan over naar meer kwarttriatlons of nog kortere afstanden.”

Zijn toekomst, zijn leven na de sport? “Ik balanceer nu 50-50 procent tussen een verdere carrière in het leger en ‘iets’ in de triatlonsport. Coach, opleider, sportmanagement of zelfs adviseur bij de productontwikkeling in een sportbedrijf. Sportkledij, fietsen… Ik heb veel fietservaring opgedaan en kan fietsenmakers dus zeker tips geven. Ik help nu al mee met mijn sponsors bij hun innovatieprocessen. Ik maak me dus niet echt zorgen over mijn carrière na de sport.”

Sporta-magazine is een uitgave van Sporta-federatie, die deel uitmaakt van de Sporta-groep.